woensdag, december 28, 2005

Maak een zin met: "ezel" "stoten" "steen" "zelfde"




























Ik heb eigenlijk niet veel zin om hier commentaar op te geven. Anderen kunnen dat beter.

"De aldus ten exemplatieve aangehaalde uittreksels uit de door het Vlaams Blok of zijn geledingen bij het groot publiek verspreide teksten tonen, naar het oordeel van het Hof,met zekerheid aan dat het Vlaams Blok, zowel voor als hangende de geïncrimineerde periode, wetens en willens kennelijk en herhaaldelijk en in de omstandigheden van het artikel 444 van het Strafwetboek heeft aangezet tot haat ten aanzien van bepaalde bevolkingsgroepen niet alleen op grond van hun nationaliteit, doch tevens op grond van hun zogenaamd ras, minstens op grond van het etnisch aspect van hun nationale afstamming (geografische ligging van de landen van herkomst verbondenheid door cultuur, welke criminogeen zou zijn, godsdienst zelfs uiterlijk en kledij), hetgeen, zoals hierboven reeds uiteengezet, een door de wet verboden vorm van aanzetten tot discriminatie.

Noch het recht op vrijheid van meningsuiting en van drukpers, noch het recht op vreedzame vergadering, op vrijheid van vereniging en op vrije verkiezingen, evenmin als de omstandigheid dat het Vlaams Blok een politieke partij is of nog de noodwendigheden van het publiek debat, met de hieraan inherente emotionele functie van het discours, kunnen, naar het oordeel van het Hof, de systematisch gevoerde haatcampagne tegen de ‘vreemdelingen’, inzonderheid het allergrootste gedeelte van de allochtone bevolking, te weten de Turken en Noord-Afrikanen (meer bepaald de Marokkanen), wettigen.

Haat gepropageerd op de voormelde gronden houdt, naar het oordeel van het Hof, immers een intrinsieke onrechtmatige finaliteit in. Een discriminerend maatschappelijk discours, welke grote delen van de bevolking aanzet tot door racisme en xenofobie ingegeven onverdraagzaamheid, hetgeen in een democratische, vrije en pluralistische staat volstrekt onaanvaardbaar voorkomt en, zoals hierboven uiteengezet, van aard is de meest fundamentele rechten en vrijheden van de geviseerde bevolkingsgroepen aan te tasten, kan in geen geval de legitimiteitstoets doorstaan en door geen der door de beklaagden aangehaalde rechten, vrijheden en beginselen worden gewettigd.

Ten overvloede kan er op gewezen worden dat de achterliggende bedoeling van de gevoerde haatcampagne, namelijk de verwezenlijking van de in het kader van de ‘vreemdelingenpolitiek’ voorgestelde maatregelen, zoals hierna onder 2.3.4. zal worden uiteengezet, evenmin als een legitiem doel kan worden aangezien.

"dat, zo in de gevoerde haatcampagne permanent wordt teruggekomen op de ‘vreemdelingencriminaliteit’ en de ‘vreemdelingenwerkloosheid’, het voeren van een terugkeerpolitiek wordt voorgesteld ten aanzien van de overgrote meerderheid van de geviseerde bevolkingsgroepen, met andere woorden ook ten aanzien van de vreemdelingen, die werken en geen misdrijven begaan, hetgeen nogmaals aantoont dat het niet zozeer de bedoeling is de ‘vreemdelingencriminaliteit’ en de ‘vreemdelingenwerkloosheid’ als dusdanig aan te kaarten en te bestrijden, maar weldeze elementen aan te grijpen om bij de bevolking haat op te wekken en maatregelen te verantwoorden, welke met deze elementen geen verband houden en slechts een uiting zijn van vreemdelingenhaat : vreemdelingen passen niet in een Vlaams Vlaanderen;

dat zulks nog duidelijker wordt, waar blijkt dat wordt gepleit voor tal van maatregelen, die de werkloosheid bij de geviseerde bevolkingsgroepen dient te verhogen;

dat het merendeel van de aldus voorgestelde maatregelen discriminerend zijn in de zin van de Wet van 30 juli 1981, nu zij ertoe strekken op basis van de nationaliteit, maar in werkelijkheid ook op basis van het ras, minstens van het etnisch aspect van de nationale afstamming, gezien de Turken en de Maghrebijnen of Noord-Afrikanen, waartegen de haatcampagne ook specifiek werd gevoerd omwille van onder meer hun cultuur, godsdienst en gewoontes en zelfs uiterlijk en kledij, hierbij in het bijzonder worden geviseerd (punt 64), onderscheiden behandelingen door te voeren, welke voor de geviseerde bevolkingsgroepen ten gevolge zouden hebben dat de erkenning, het genot of de uitoefening op voet van gelijkheid van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden zouden worden tenietgedaan, aangetast of beperkt, onder meer op het vlak van het recht op eigendom (punt 59), van het recht op arbeid (punten 23 en 52) en op vrije keuze van arbeid (punten 53 en 58), van het recht op bescherming tegen werkloosheid (punt 57), van het recht op huisvesting (punt 24), van het recht op sociale zekerheid (punten 54 en 57) en van het recht op onderwijs (punt 21), welke fundamentele rechten allen vermeld zijn in het Internationaal Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie, waarvan de Wet van 30 juli 1981 de uitvoering is;

dat, waar met de voorgestelde differentiaties wordt beoogd een echt mechanisme in werking te stellen, dat de terugkeer van de overgrote meerderheid van de hier verblijvende niet-Europese vreemdelingen, inzonderheid van de Turken en Noord- Afrikanen, naar hun landen van herkomst dient te bewerkstelligen, er immers sprake is van een door het artikel 4 van het Aanvullend Protocol bij het EVRM verboden collectieve uitzetting van de geviseerde bevolkingsgroepen;

dat ook de bewering dat deze individuele uitwijzingsprocedure zou gekenmerkt worden door alle procedurele waarborgen voorzien door het EVRM niet van aard is hier iets aan te veranderen, nu uit hetzelfde plan duidelijk blijkt dat slechts een criterium hierbij in aanmerking kan komen, te weten de volledige assimilatie van de betrokken vreemdeling, die zich volledig dient aan te passen “aan onze manier van leven, aan onze waarden en normen, aan onze taal en cultuur”;

dat het met andere woorden voor het Vlaams Blok zo is dat in Vlaams Vlaanderen de vreemdelingen enkel nog zullen worden gedoogd als zij door hun wijze van leven niet meer als vreemdelingen identificeerbaar zijn;

dat de in de voorgestelde collectieve uitwijzing passende stelling “assimileren of terugkeren”, waarbij met “assimileren” dient te worden verstaan een zich volledig aanpassen “aan onze manier van leven, aan onze waarden en normen, aan onze taal en cultuur”, overigens op zich een ongeoorloofd voorstel tot differentiatie inhoudt ten aanzien van de geviseerde bevolkingsgroepen, waardoor de erkenning, het genot of de uitoefening op voet van gelijkheid door deze bevolkingsgroepen van de fundamentele rechten vervat in het artikel 8 van het EVRM, welk artikel de culturele rechten van de minderheden waarborgt, wordt tenietgedaan, aangetast of beperkt, hetgeen door de enkele wil een Vlaams Vlaanderen te bewerkstelligen niet redelijk te verantwoorden is;

dat deze stelling, evenals het 70-punten plan in zijn geheel, slechts de uiting is van de door het Vlaams Blok gepropageerde en door racisme en xenofobie ingegeven onverdraagzaamheid, welke onverenigbaar is met de waarden geldend in een democratische, vrije en pluralistische samenleving.

Door de stelling “assimilatie of terugkeer” als discriminerend te verwerpen, zegt het Hof uiteraard niet dat de zich in het Rijk bevindende vreemdelingen zich niet naar onze wetten en democratische beginselen dienen te gedragen en ook niet zelf van verdraagzaamheid dienen te getuigen.

Veroordeelt de beklaagden uit hoofde van de aldus lastens hen bewezen bevonden feiten samen ieder tot een geldboete van 2.500, gedeeld door 40, 3399 en vermeerderd met negentienhonderd negentig opdecimes, hetzij, afgerond tot op de tweede decimaal en in acht genomen het bepaalde in het artikel 2, tweede lid van het Strafwetboek, telkens € 12.394, 67

(Arrest van de achtste kamer van het Hof van Beroep te Gent, uitgesproken 21 april 2004.)

Geen opmerkingen: