maandag, december 08, 2008

Eens iets constructiefs


sp.a en PS komen overeen over een aspect van de staatshervorming. Hoera ! Vandenbroucke die de zaken vooruithelpt ! Goed zo ! Hadden we dat VOOR de verkiezingen gedaan gekregen, dan lag de N-VA nu op het kerkhof (dat geldt ook voor CD&V en cdH). Maar soit, beter laat dan nooit. Het lijkt een zeer redelijke tekst... waar toch wel een twee derde-meerderheid voor moet kunnen gevonden worden. In 2009. Hopelijk ziet de kiezer intussen in dat je in België alleen maar kan samenwerken. Andere landen staan intussen niet stil. Waar blijven de € 4,5 miljard voor onze relance (als je het plan van Sarkozy door 6 deelt, komt je ongeveer daaraan) ?

Een oproep tot actie en dialoog ten dienste van economisch herstel en sociale vooruitgang

In de huidige financiële en economische crisis moeten overheden op alle niveaus direct en efficiënt optreden om het vertrouwen bij ondernemingen en burgers te herstellen en hen sociale en financiële zekerheid te waarborgen. Op het Europese niveau heeft de Partij van Europese Socialisten (PES) zopas een herstelplan goedgekeurd. We vragen aan de Lidstaten en de Europese Unie om dringend proactieve en gecoördineerde maatregelen te nemen onder de vorm van investeringsprogramma’s om de werkgelegenheid te handhaven, ontslagen te vermijden en een duurzame economie te ontwikkelen. In Wallonië en Vlaanderen stelden we in de schoot van onze regionale regeringen ambitieuze herstelmaatregelen voor, om ondernemingen gemakkelijker aan krediet te helpen, om publieke en private investeringen in duurzame economische ontwikkeling te versnellen en te bevorderen, en om ons arbeidsmarktbeleid te versterken, in het bijzonder ten aanzien van werknemers getroffen door herstructureringen. Samen met de federale regering werken we op een constructieve wijze aan de uitwerking van een algemeen anti-crisisplan op korte termijn.

Op even constructieve wijze hebben we deelgenomen aan de discussies in het kader van de communautaire dialoog. Een debat over staatshervorming is voor ons noch een fetisch, noch een taboe. Het is integendeel de manier om op lange termijn de verdere ontwikkeling van de federale staat en de deelstaten te waarborgen. Wij denken dat een grotere slagkracht voor de deelentiteiten kan gepaard gaan met een versterking van de federale overheid door aan elke overheid duidelijk afgebakende bevoegdheden toe te kennen. Dat maakt meer efficiëntie voor elke entiteit en meer coherentie van het geheel mogelijk.

Wij menen dat een sterke en dus duurzaam gefinancierde sociale zekerheid, met name om iedereen degelijke pensioenen en gezondheidszorg te garanderen, het cement is tussen de overheden en tussen alle mensen van dit land. Om dat te bereiken, moeten we er er voor zorgen dat meer mensen aan het werk gaan. Als uitgangspunt van onze benadering stellen we dat het arbeidsrecht, de loonpolitiek, het financieringsmechanisme en de verschillende takken van de sociale zekerheid federale bevoegdheid moeten blijven. De deelentiteiten moeten daarentegen het geheel van de bevoegheden kunnen uitoefenen die nodig zijn om hun kerntaak inzake werkgelegenheid te vervullen, met name de begeleiding en actieve opvolging van werkzoekenden, met inbegrip van de vorming (alternerend leren en werken, betaald educatief verlof) van werkzoekenden en werknemers en dit rekening houdend met de specificiteit van hun arbeidsmarkten. De algemene regels inzake passende dienstbetrekking en vrijstelling van beschikbaarheid blijven dus federaal, terwijl de concrete toepassing van deze regels gebeurt door de regio’s, die zich in dit kader tot concrete engagementen verbinden ten aanzien van de federale overheid. In aansluiting daarop willen we onderzoeken of sommige maatregelen inzake arbeidsbemiddeling en tewerkstelling, zoals de PWA, outplacement, de begeleiding van werknemers in het kader van herstructureringen, alsook de tijdelijke arbeidsvergunningen, niet beter onder gewestbevoegdheid ressorteren. Wat betreft de sociale lastenverlagingen en banenplannen, zijn we voor een vereenvoudiging van de bestaande systemen en voor een betere doelgroepbenadering, afgestemd op de regionale realiteiten. Op dit vlak wachten we evenwel het resultaat af van de lopende interprofessionele onderhandelingen.

Bij voormelde hervormingen moet uiteraard rekening worden houden met de gebruiken van het sociaal overleg. Tenslotte moet een versterking van de bevoegdheden van de Gewesten en Gemeenschappen gepaard gaan met een financieringsmechanisme dat impulsfinanciering en responsabilisering verenigt. Zulk mechanisme moet rekening houden met de behoeften en mogelijkheden van elke overheid en moet een positieve investeringsopbrengst opleveren, zowel voor de regio’s als voor de federale overheid.

Dit zijn de contouren van ons standpunt over de institutionele hervorming van het arbeidsmarktbeleid. Een versterking van het regionaal arbeidsmarktbeleid geeft ons meer mogelijkheden om beter samen te werken en onze arbeidsmarkt te dynamiseren. Maar om deze dynamiek op gang te brengen, moet de communautaire impasse gedeblokkeerd worden en moeten we opnieuw aan het werk in het kader van de dialoog van Gemeenschap tot Gemeenschap. Een nieuw communautair conflict is onaanvaardbaar en zelfs onverantwoord in de context van de huidige economische crisis. Tot slot zijn we van oordeel dat wat we in staat zijn te bereiken op dit terrein ook haalbaar moet zijn op andere terreinen.

Frank Vandenbroucke Jean-Claude Marcourt

(www.vandenbroucke.com)

Geen opmerkingen: