woensdag, april 27, 2011

Erik De Bruyn en Alastair Campbell

Gisteravond woonde ik in Parijs een discussieavond van de PS-denktank Terra Nova bij. Invité d'honneur was Alastair Campbell, voormalige spin doctor van Tony Blair.


De keuze voor Campbell was enigszins verrassend. Terra Nova wil de PS inhoudelijk en vormelijk klaarstomen om volgend jaar aan de macht te komen. Het lijkt dan vreemd om terug te grijpen naar de uitgeleefde New Labour-modellen. Ook het Irak-verhaal spreekt niet echt voor de spindoctor, die een enigszins gewetenloos en beenhard imago heeft (uittreksels uit 's mans mémoires over de regeringsjaren hebben mijn mening daarover niet veranderd).

Desondanks werd de avond zeer interessant, omdat Campbell (in traag, maar correct Frans) gevraagd werd een aantal essenties mee te geven rond politieke communicatie:

1) Strategie is belangrijker dan communicatie
= Reageer niet op elk opduikend nieuwsfeit, drie uur later ben je weg uit de mediagolven; de essentie is om een consequente boodschap te hebben, die nooit wezenlijk verandert (ook al wordt dat al snel saai voor de politicus in kwestie)

2) Als je communiceert, doe het dan simpel mogelijk
= de kiezer interesseert zich eigenlijk niet voor politiek; journalisten en politici leven onder een gedeelde stolp; concreet staat bij de kiezer thuis de wasmachine aan, wordt er gegeten, gaat de telefoon over... als men al oplet tijdens het nieuws, zal dat te maken hebben met de extra- of non-verbale communicatie, en niet met de boodschap.

Bovendien zorgt de evolutie van het medialandschap (24/24 TV, internet...) ervoor dat
- niet enkel de politici worden gewantrouwd,
- maar ook de journalisten.
Met andere woorden: wil je populair worden als politicus, dan kan dat door je af te zetten tegen de media (iets wat in Frankrijk onder andere Ségolène Royal en Jean-Luc Mélenchon doen; denk in België maar aan het geweeklaag van het Vlaams Blok over de media)... of door gebruik te maken van directe communicatie met de kiezer (Facebook/Twitter...).

Campbell lardeerde alles met een paar anekdotes (of die objectief/representatief waren, is natuurlijk maar de vraag), onder andere over Bill Clinton, die op de dag van de bekendmaking van het Starr-rapport onverstoorbaar over buitenlandse betrekkingen belt met Blair (wat aantoont dat hij het verschil kan maken tussen lange en korte termijn); over de afschaffing van "clause IV" in de Labourstatuten (wat in zijn ogen essentieel was om de slogan "New Britain/New Labour" verkocht te krijgen).

Peilingen zijn volgens Campbell waardeloos, als je ze leest volgens de harde cijfers (wat op deze blog regelmatig gebeurt). Ze kunnen enkel trends tonen, maar die kan je "voelen", en niet meten. Hij gelooft meer in "focusgroepen", waar tien random gekozen "gewone mensen" ondervraagd worden over wat ze uit het nieuws onthouden hebben en wat ze belangrijk vinden.


Niets verplicht uiteraard om dezelfde inhoudelijke uitgangspunten als Blair te nemen, maar het lijkt inderdaad relevant om Campbell's aanpak op Frankrijk over te zetten. Het land van de eeuwige, wekelijks veranderende "ruzietjes" of "querelles" stemt paradoxaal uiteindelijk niet op basis van de korte golven van de actualiteit, dan op het eenvoudige beeld van een politicus. Het laat ook toe te begrijpen waarom Sarkozy bijvoorbeeld tot vervelens toe blijft hameren op zijn veiligheidsdiscours, uitgaande van zijn basisidee dat "zijn" stuk van het Franse electoraat overtuigd xenofoob is en geen boodschap heeft aan de "donneurs de leçons" uit de Parijse intellectuele wijken. Één man, één beeld, één imago.


(Fluctuat, nec mergitur: het Parijse wapenschild in de Mairie du IIIe, een Haussmann-gebouw in het hart van de stad)

Nu goed, ongeveer tegelijkertijd beslist in België Erik De Bruyn om sp.a Rood uit sp.a te halen en alleen zijn kans te gaan. Op het eerste gezicht doet hij netjes wat Campbell vraagt: hij communiceert zeker niet te veel, maar is altijd consequent. Hij:
-heeft een duidelijke boodschap (sp.a is niet geloofwaardig/links/anti-establishment genoeg)
-kijkt naar modellen die wel werken bij de gemiddelde kiezer (zoals N-VA, waar men ongegeneerd zijn gedacht zegt in de pers en een zelfde simpele boodschap gewoon herhaalt).

Je zou dus denken dat hij logischerwijze wel een stuk van de proteststemmen tegen de traditionele partijen zou moeten kunnen vangen. Uiteindelijk geniet de man een zekere persoonlijke bekendheid, ondanks zijn weinig talrijke verschijningen in de media. Tot je stuit op dit soort überlachwekkende filmpjes:


De redenering van De Bruyn (als links niet genoeg stemmen heeft in Vlaanderen, ligt dat aan de partijen, niet aan het electoraat; of: aan het aanbod, en niet aan de vraag) lijkt me correct en kan deels verklaard worden door wat Campbell aanhaalt: communicatie moet geleid zijn door een strategie. De boodschap moet kloppen, eenvoudig zijn, veel herhaald worden en niet te veel variëren. Dat is bij sp.a heel moeilijk. Reden waarom de vlottende kiezer maar moeilijk voor de partij kiest.

Om een alternatief te zijn, zal De Bruyn wel beter moeten doen dan dit soort amateuristische fratsen. Niemand kan dit au serieux nemen ! Het doet eerder denken aan een personage uit In De Gloria dat elke dag langs de berm van de autostrade foto's neemt van de passerende voertuigen, dan aan een geloofwaardig politicus.

Omgekeerd is voor het voor sp.a best dat deze stap aanzet tot nadenken. Wat is er nu eigenlijk ten goede veranderd sinds het ontslag van Vande Lanotte in 2007 ? Het voordeel van een aflopende termijn (2007-2011) is dat hij kan dienen als evaluatiemoment. Rekening houdende met het bovenstaande zou de belangrijkste les in elk geval moeten zijn dat de beste communicator in de voorzittersstoel moet zitten. De kiezer luistert zelfs niet naar partijen zonder gezicht. 

Geen opmerkingen: