vrijdag, augustus 17, 2012

De zaak-Gyllenborg, of Assange in de 18de eeuw

 (Stanhope door Godfrey Kneller, Wikimedia Commons)

Sinds, volgens een verklaring van de Ecuadoriaanse minister van Buitenlandse Zaken, Julian Assange gisteren politiek asiel werd toegekend, als reactie op een dreigement van de Britse minister van Buitenlandse Zaken William Hague om de betrokkene met geweld te arresteren in de lokalen van de Ecuadoriaanse ambassade in Londen, kan ik niet echt anders dan denken aan een episode uit de achttiende eeuw. Assange is uiteraard (nog ?) geen diplomaat, maar het zou niet de eerste Britse inval in een Londense ambassade zijn, mocht Hague zijn dreigement (gegrond in het Britse recht, waarbij de minister van Buitenlandse Zaken kan optreden tegen ambassades, n.a.v. een incident met de Libische residentie in de jaren '80) hard maken...

Op 29 januari 1717 besliste het Britse kabinet, onder leiding van de grote diplomaat James Stanhope (1673-1721) om de Zweedse ambassadeur in London, Karl Gyllenborg (1679-1746) te arresteren. In principe waren ambassadeurs, als vertegenwoordigers van hun soeverein, ook toen onschendbaar in hun persoon en hun residentie. Dan niet op grond van het Verdrag van Wenen van 1961, maar op basis van een consensus onder de voornaamste rechtsgeleerden (Gentili, Grotius of Wicquefort hadden in de zeventiende eeuw de regels terzake op papier gesteld; je kon op dat ogenblik niet echt over "regels" spreken, wel over elementen van consensus tussen auteurs, die werden ingeroepen door practici). 

(Karl Gyllenborg, Wikimedia Commons)

Het respect tussen soevereinen vereiste dat een ontvangststaat een ambassadeur of andere gezant zijn activiteiten onbelemmerd liet uitvoeren, ook al schond hij hierbij de plaatselijke wetten (inclusief het strafrecht). Groot-Brittannië had in 1709, naar aanleiding van een incident waarbij de Russische ambassadeur Matweof gevangen werd gezet voor privé-schulden, al een wettelijke bescherming verleend aan buitenlandse ambassadeurs, waarbij hun volkenrechtelijke immuniteit bevestigd werd (Diplomatic Protection Act).

Nu goed, op deze immuniteit bestond een uitzondering: geen enkele soeverein diende gezanten van een ander te dulden, wanneer er een complot tegen zijn persoon of de regeringsvorm op til was. Normaal diende men dan de ambassadeur uit te wijzen. In hoogst dringende gevallen, waarbij duidelijke aanwijzingen voorhanden waren dat de diplomaat in kwestie tot actie dreigde over te gaan, kon de ontvangststaat overgaan tot de arrestatie, gevolgd door de terugzending. Volgens de Franse specialist Callières (die het verdrag van Rijswijk in 1697 onderhandelde) kon een ambassadeur overigens niet gehouden zijn om bevelen van zijn zendstaat op te volgen, als die ertoe zouden strekken in de ontvangststaat het staatsgezag omver te werpen.

(James III, Wikimedia Commons)

Stanhope maakte van deze mogelijkheid gebruik, door ophef te maken rond een complot waarbij Gyllenborg betrokken was. De katholieke pretendent op de Britse troon, Jacobus III Stewart, zoon van de verjaagde koning Jacobus II, die in 1688 bij de Glorious Revolution was gevlucht uit Engeland, zou Gyllenborg geld hebben aangeboden om Karel XII van Zweden, zijn soeverein, ervan te overtuigen om binnen te vallen in Schotland, via Noorwegen.

De arrestatie van Gyllenborg in zijn residentie zorgde voor behoorlijk wat controverse. Stanhope liet de papieren van de ambassadeur in beslag nemen, en publiceerde brieven die volgens hem duidelijk aantoonden dat de ambassadeur betrokken was in een complot dat vertakkingen had van Rusland, over Zweden en Frankrijk, tot in Spanje.

(Clemens XI, Wikimedia Commons)

Probleem: Gyllenborg handelde helemaal niet op instructie, en Stanhope was hiervan op de hoogte. In werkelijkheid probeerde de ambassadeur geld uit de zakken te kloppen van de katholieke bankier Hoggers, die de katholieke pretendent steunde. De ondernemingen van Jacobus III waren bovendien notoire mislukkingen geweest: de Britten hadden hem bij het Verdrag van Utrecht (1713) doen uitwijzen van Saint-Germain-en-Laye naar Commercy in het hertogdom Lotharingen. Na het grandioos mislukken van een opstand in Schotland, moest Jacobus weer vluchten, van Commercy naar Avignon (1716). Uit Avignon moest hij weer weg na het afsluiten van de Triple Alliantie tussen Frankrijk, Groot-Brittannië en de Staten-Generaal (1717). Uiteindelijk belandde hij berooid als een bedelaar in de Kerkelijke Staten, waar paus Clemens XI hem een villa in Urbino toewees.

 (Karel XII, Wikimedia Commons)

Karel XII van Zweden was uiteraard furieus. Gisteren raadde de voormalige Britse ambassadeur in Moskou sterk af om binnen te vallen in de Ecuadoriaanse ambassade, omwille van het reciprociteitsbeginsel dat ten  grondslag ligt van de diplomatieke immuniteit. Om de gelijkheid tussen staten te garanderen, wordt immuniteit door Staat A maar toegekend aan partijen die ze ook toepassen tegenover de gezanten die Staat A zelf uitstuurt. Assange oppakken in Ecuador, zou een argument kunnen zijn voor twijfelachtige regimes in Rusland, Iran... om te stellen dat Groot-Brittannië de Weense conventie niet toepast, en dan maar zelf de toepassing ervan op te schorten.

Welnu, dat heeft Karel XII in 1717 ook gedaan. Toen hij het nieuws hoorde, arresteerde hij meteen (29 januari 1717) de Britse resident in Stockholm, Jackson. Stanhope probeerde zich te rechtvaardigen door aan alle in Londen geaccrediteerde diplomaten een schrijven te sturen, dat blootlegde hoe Gyllenborg Hoggers had voorgespiegeld met buitenlandse troepen en fondsen in Engeland de regering omver te werpen (12 februari 1717).

Vier dagen later antwoordde de Spaanse ambassadeur Monteleon (wiens soeverein steevast genoemd werd in dit soort van Jacobietische complotten) in een striemend memorandum. De Britse regering had Gyllenborg de kans op een eerlijk proces ontnomen, door hem op basis van geruchten te beroven van de diplomatieke bescherming die elk gezant diende te genieten. Uitwijzing of vragen om zijn terugroeping naar Zweden was proportioneler geweest.  Welke buitenlandse gezant zou nog in vertrouwen naar Londen kunnen komen in de toekomst, gezien wat er met Gyllenborg gebeurd was ? 
"tout le monde sait qu’un ministre étranger n’a point d’autres papiers, que ceux dont il est dépositaire, et qui appartiennent à son souverain, et c’est à lui seul qu’il en est responsable […] ce serait exposer à l’avenir tout ministre étranger, à se voir enlever ses papiers de force, toutes les fois qu’on voudrait, sur le plus léger prétexte, être au fait de ses négociations[…] J’ignore ce que peuvent contenir les papiers pris au comte de Ghillemberg, ni de quelle nature ils sont ; mais si pourtant il s’y trouvait quelques lettres, écrites aux sujets de S.M. Britannique, peut-être croirait-on le pouvoir blâmer. Mais, s’il ne s’en trouve que d’écrites à son souverain ou à ses ministres, dans lesquelles il est du devoir de l’agent diplomatique de dire nettement sa façon de penser, et de proposer tout ce que l’on croit être de l’intérêt de son prince, je ne crois pas que le Comte de Ghillemberg soit obligé d’en rendre compte à qui que ce soit."
Stanhope dreef het echter allemaal nog een beetje verder. Op basis van het alliantieverdrag dat Groot-Brittannië, Frankrijk en de Staten-Generaal sloten in januari 1717, en dat onder andere voorzag dat de staten elkaars rebellen zouden uitwijzen of berechten, eiste hij de arrestatie van Goertz, de eerste minister van Karel XII, die op dat ogenblik in Den Haag was. Goertz had in Parijs geprobeerd om geld los te krijgen voor zijn vorst in de Noorse Oorlog (1700-1721), die op dat ogenblik heel slecht draaide voor Zweden.

Op 19 februari 1717, terwijl de discussie rond Gyllenborg nog in volle gang was, trapten 20 politieagenten van de provincie Holland de deur in bij de Zweedse minister. De vogel was echter gaan vliegen: Goertz was onderweg naar Amsterdam en nam zo snel mogelijk de benen naar Duitsland. De poging mislukte echter: een paar dagen later werd hij gesnapt in Arnhem in de provincie Gelre.

Zweden had nu een probleem met zowel Groot-Brittannië als de Republiek der Verenigde Provincies. Politiek kon Karel XII dit wel missen: in het Balticum stond hij tegenover de tsaar, Denemarken, Polen, Pruisen en George I, de koning van Groot-Brittannië, die echter in zijn hoedanigheid als keurvorst van Hannover ook een stuk van het Zweedse rijk wou inpikken. 

Juridisch stond Karel XII ook niet sterk in Den Haag: Goertz was niet geaccrediteerd bij de Staten-Generaal, maar was op terugreis uit Parijs, en genoot volgens de Staten geen diplomatieke immuniteit (vandaag zou hij die wel hebben, als eerste minister, ongeacht de aard van zijn verblijf). De Zweedse koning ging dan maar over tot represailles tegen de Republiek: de diplomatieke correspondentie van Rumpf, gezant van de Staten in Stockholm, werd in beslag genomen in de haven van Göteborg

De zaak had tegen maart 1717 voldoende politiek dynamiet in zich om te leiden tot een algemene Europese oorlog. Om zich te verdedigen, had Stanhope -zoals hoger vermeld- stukken uit de correspondentie van Gyllenborg gepubliceerd, waarin gealludeerd werd op steun voor de pretendent vanuit het hof van de Franse Regent Filips van Orléans. Dit werd in Frankrijk gezien als een publieke vernedering. De diplomatieke raadgever van de Regent, abt Dubois, nam dan ook het initiatief om de zaak te bemiddelen, samen met Rusland, dat ook was vernoemd in de brieven, en even hard ontkende.

 (George I door Godfrey Kneller, Wikimedia Commons)

De Franse ambassadeurs in Stockholm, Den Haag en Londen kregen het voor elkaar dat Karel XII zich officieel distantieerde van zijn twee gezanten, en voorstelde om Gyllenborg en Goertz zelf te berechten voor hun eventuele wandaden. In augustus liet George I Gyllenborg gaan. 

Goertz kwam vrij op basis van het lokale Gelderse strafrecht: hij had langer dan een maand gevangen gezeten, zonder voor een rechter te worden geleid. Goertz profiteerde dus van de zeer gedecentraliseerde inrichting van de Republiek der Verenigde Provinciën, waar de zeven afzonderlijke gewesten eigenlijk zo goed als soeverein bleven binnen hun eigen grondgebied. Eens de Zweden terug waren, liet Karel XII ook Jackson vrij.

Uiteindelijk had de hele affaire vooral Britse binnenlandse gevolgen. Bij de opening van het Parlement kon George I met succes meer schepen in het Balticum verkrijgen, om zijn Duitse gebieden te beschermen. Dit was een belangrijke overwinning voor Stanhope, die van de gelegenheid gebruik maakte om het kabinet te herschikken en zijn grote rivaal Townshend, die in januari al was gedegradeerd tot Lord Lieutenant of Ireland, de minst belangrijke van alle functies, uit de regering te werken. Ook Townshend's schoonbroer Robert Walpole verdween voor vier jaar in de oppositie.

 (Charles "Turnip" Townshend, Godfrey Kneller, Wikimedia Commons)


Zie ook de bjidrage van Kai Ambos op EJIL-Talk! (de blog van het European Journal of International Law).

maandag, juli 16, 2012

Rechtsgeschiedenis op podcast

Een nieuwe interessante Memo-uitzending: een lang onderhoud (uitgesponnen over 3 uitzendingen) met Régine Beauthier, die aan de ULB rechtsgeschiedenis doceert. Thema: Droit et genèse de l'État, naar haar gelijknamige handboek. Klik hier voor de podcast.

zondag, juli 15, 2012

Verkiezingen in Huise, anno 1977


Tegengekomen bij het scannen van oude dia's: de muur van de schuur van Jerome Saelens in Huise, destijds buurman van mijn grootouders, waarschijnlijk volgeplakt in de aanloop naar de Kamer- en Provincieraadsverkiezingen van 1977 (thuis te brengen aan de hand van de verkiezingsaffiche van de BSP).  

Een jaar na de fameuze fusie der gemeenten van 1976, die Huise, Ouwegem en Zingem samenbracht, en dus Huise scheidde van Lozer, waar de della Failles traditioneel de plak zwaaiden als burgemeester. In 1976 haalden de liberalen een meerderheid in de nieuwe gemeente (52,1-47,9), onder andere na een berucht scheldincident op het plein in Huise waarbij Saelens gekleineerd werd door "mijnheer den archistek" van de andere lijst. Pas in 1982 komt een einde aan de liberale hegemonie in Zingem, wanneer een derde lijst (Anders: SP, VU, onafhankelijken) met 16% en twee zetels de twee mastodonten van een meerderheid houdt.

De tijd van de unitaire partijen ligt blijkbaar toch nog niet zo lang achter ons, als we naar de "B"SP-affiche kijken. Hadden we toen het Egmontpact maar gestemd (en BHV opgelost)... De frisse jongeling H. De Croo uit Brakel stond blijkbaar toen ook al op de lijst.

vrijdag, juli 13, 2012

Engelse zakkenvullerij in Gent, 1715



In de Parijse correspondentie van John Stair (ambassadeur voor George I van Groot-Brittannië), die ik in oktober-december 2009 in de National Archives in Kew verzamelde, kwam ik per toeval een briefje over Gent tegen, tussen alle diplomatieke, juridische en financiële (bilateraal Frans-Britse) stukken.
"Mylord,


C'est avec un tres sensible Chagrin que je me trouve obligez [sic] de porter mes plaintes a Vostre Excellence au nom et de la part de la garnison Imperiale qui est en garnison dans cette place contre le Sr Leathes Lieutenant Collonel et Commandant le bataillon bretton qui est dans nostre chateau de Gand. Ledit sr. Moyses Leathes bien loin de se contenter de tous les emoluments qui luÿ sont furnis tres largement par cette province, tant en logement, bois, charbons, chandelles &a, sest mis en devoir de se faire paÿer un tribut par un dragon de mon regiment qui est chargé de leur cantine dans les cazernes quils occupent, ainsÿ que vostre Excellence pourra le remarquer par la Copie des quittances cÿ jointes, comme aussÿ de sapproprier et de convertir en argent tout le charbons qui est destinéz pour les corps de garde qui dependent de cette ville, et de faire perir mes dragons par le froid, si je ne leur faisois achepter [sic] de ma bourse le chauffage necessaire; et un mot, Mÿlord, mes

[v°]


gages et emoluments ont esté Jusqes Icÿ englouttis avec tout le reste, quoÿ quils ne puissent mestre contestéz en vertús [sic] de la Commission cÿ Jointe, et patente de gouverneur qui ma esté conferee par Sa Majesté Brittannique et leurs hautes puissances les Seigneurs Estats generaux des provinces unies. Ce procedé, Mÿlord, est si opposéz aux intentions de Sa Majesté Britanique, et aux declarations que Monsieur de Lûmleÿ [Britse generaal, zie biografie bij Oxford DDNB] et les autres generaux nous ont fait de sa part dans le temps quils ont commandés en ce pays, et ou Ils ont agis [sic] toujours a nostre egards de la maniere du monde la plus gracieuse et equitable que nous avons tout lieu desperer que vostre Excellence ne nous refusera point la Justice que nous en demandons, et quelle voudra bien donner les ordres necessairs pour faire cesser touttes ces crapûlles et rapineries inusitees. 


J'aÿ lhonneur destre avec beaucoup de respect.


Mylord,


De vostre excellence


Le tres humble et tres obeissant serviteur
Le baron daudegnies
brigadier et gouverneur de gand

A gand le 23e novembre 1715"
Context: vanaf mei 1706 (Slag bij Ramillies) wordt het grootste deel van Vlaanderen en Brabant onder de voet gelopen door het leger van de geallieerde machten, die tegen Lodewijk XIV en zijn kleinzoon, de koning van Spanje, optrekken in de oorlog om de Spaanse Successie. Gent wisselt in 1708 voor ongeveer een half jaar van bezetter, maar grosso modo is er een Brits-Hollandse bezetting, die ervoor zorgt vooral goede maatjes te zijn met de lokale machtigen (adel, clerus), die geen heil zagen in een strak regime naar Frans model. 

Pas op 15 november 1715 wordt in Antwerpen door de Oostenrijkse, Britse en Staatse gevolmachtigden een akkoord bereikt (het Barrièretraktaat) over de overdracht van de Zuidelijke Nederlanden aan Keizer Karel VI. Onder het regime van het Barrièretraktaat valt een reeks vestingen onder een Brits-Hollandse bezettingsmacht, die moet betaald worden door de Keizer (lees: zijn belastingsplichtige Zuid-Nederlanders). Gent behoort daar niet meer toe, maar wordt tot de effectieve machtsoverdracht nog bezet door de troepen van het "Anglo-Bataafs condominium", of de geallieerde bezettingsmacht, in afwachting van de overdracht aan de nieuwe soeverein.

In dit briefje, gedateerd op 23 november 1715  zet gouverneur Jean-Florent Van Dam d'Audegnies van de vesting (het Spanjaardenkasteel = bij de ruïnes van de Sint-Baafsabdij, vlakbij Portus Ganda) zijn grieven uiteen over het gedrag van een Britse regimentscommandant.

Bovenop de al aanzienlijke contributies in natura die op de bevolking in het Gentse rusten, vordert een Britse officier nog eens cash geld in op de kantine van de dragonders van de gouverneur... en versjachtert hij de volledige kolenvoorraad van het garnizoen. Waardoor d'Audegnies uit eigen zak voor de verwarming van zijn troepen moet zorgen. Niet al te aangenaam in de barre novembermaand. De gouverneur, een in Hollandse dienst actieve Zuid-Nederlander (eigenlijk een "overloper" uit 1705, die eerder Lodewijks kleinzoon Filips van Anjou steunde), kan er dan ook niet echt mee lachen.

Ook Leathes' landgenoten, de hertog van Marlborough (cf. afbeelding) en zijn rechterhand Cadogan hadden een kwalijke reputatie voor goudstroperij in "onze gebieden". Blenheim Palace bij Oxford is een resultaat van dergelijke extractiepraktijken. Het is de verdienste van A.J. Veenendaal sr. om nog in de jaren '40 het beeld weerlegd te hebben als zouden voornamelijk de (overwegend protestantse) Staten-Generaal hun zuiderse (katholieke) buren slecht behandeld hebben. Ook Franse bevelhebbers als Villars (bij zijn veldtochten in Duitsland) waren niet veel beter. "Engraisser son veau" (naar het kasteel van Vaux-le-Vicomte, de voormalige verblijfplaats van Nicolas Fouquet, dat Villars behuisde) behoorde nu eenmaal tot de geplogenheden in oorlogstijd... Het zou verkeerd zijn om deze praktijken vanuit een moraliserend eenentwintigste-eeuws standpunt te veroordelen. (Rechts-)Historisch en sociologisch onderzoek leert dat plundering en corruptie maar misdrijven worden van zodra een statelijke mentaliteit, die een onderscheid maakt tussen algemeen (abstract) en particulier (concreet) belang, echt is ingeburgerd.

woensdag, juli 04, 2012

Histoire culturelle de la Wallonie (memo)

Een collectief van Franstalige professoren publiceerde recent een Histoire culturelle de la Wallonie (Mercator). Het immer uitstekende programma "Memo" interviewde de auteurs van de verschillende hoofdstukken (met o.a. Bruno Bernard, Claude Bruneel, Jean-Marie Cauchies, Alain Dierkens...). Zie hier.

vrijdag, juni 29, 2012

"Ils jetèrent l’argent par les fenêtres"


Sinds een aantal weken zit uw dienaar naarstig over archiefmateriaal gebogen om zijn doctoraat uit te schrijven, in de hoop het te kunnen afronden in de lente van 2013. Afgaande op de meest populaire woorden in het hoofdstuk over de Quadruple Alliantie, waaraan ik nu bezig ben, zou je denken dat ik schrijf over de financiële crisis van vandaag... Het gaat uiteraard over de gelinkte klassieke crisissen van de bank en handelscompagnie van John Law in Frankrijk, en de South Sea Bubble in Engeland. Toevallig vallen die samen met de multilaterale interventie tegen Spanje in 1719. De Britse bubbel komt iets later dan de Franse, maar ontwikkelt zich op hetzelfde moment. 

Uiteraard is niet het economisch-financiële, maar het juridische en politieke aspect het meest prominente in de correspondentie van de opeenvolgende Britse ambassadeurs in Parijs. De archieffondsen in Kew (National Archives), waar ik in 2009 drie maanden verbleef, bevatten een zeer volledige inventaris van de snel veranderende wetgeving die toen werd uitgevaardigd (vergelijk met vandaag: om de maand een eurocrisistop om de kwalijke gevolgen van het gebruik van "la planche à billets" in de zuidelijke Euro-landen te remediëren) om eerst de waarde van de compagnie op te drijven, wat voor rentedaling, maar ook kapitaalvlucht en prijsstijgingen zorgde, en vervolgens via geleidelijke devaluatie het overtollige papiergeld weg te krijgen. Een aantal politieke protagonisten in Frankrijk (zoals de hertog van Bourbon, die in 1723-1726 eerste minister wordt, na de dood van de Regent) en Engeland (bijna iedereen in de Whig-partij) had aandelen in beide speculatiemachines, wat uiteraard opnieuw aanleiding gaf tot afrekeningen en combines.

Het basisprobleem is een van publieke financiën: zowel Frankrijk als Engeland torsten een grote staatsschuld ten gevolge van de Spaanse Successieoorlog (grosso modo 1701-1714). 

In beide gevallen werd die schuld geparkeerd bij een vennootschap. De faramineuze winsten uit overzeese handel (in het Franse geval: Louisiana, in het Britse: de slavenhandel voor de Spaanse kolonies) zouden dan moeten dienen om zowel de staatsschuld af te betalen, als dividenden uit te keren aan de aandeelhouders. Het idee dat handel binnen Europa een zero-sumgame was, en extra goud enkel uit de kolonies kon komen, bestond al tijdens de Successieoorlog en was essentieel om bij de vrede van Utrecht tot een akkoord te komen: het openstellen van de Spaanse kolonies voor de Britten (via een jaarlijks vrij schip op stapelstad Cadiz) en het toekennen van het slavenhandelmonopolie werden gezien als commerciële gelukbrengers. Ook al toont historisch onderzoek aan dat Engeland in de feiten eerder via smokkelhandel, of de handel op Brazilië, zijn fortuin gemaakt heeft.

Hoewel het systeem er in Frankrijk (waar de compagnie ook de belastingen mocht innen) voor zorgde dat de de facto interest op overheidsobligaties sterk daalde (van 4% naar 2%; Mario Monti zou met een dergelijke daling waarschijnlijk bijzonder in zijn nopjes zijn), en zo de onproductieve rentiersklasse (= adel, clerus, magistratuur; denk vandaag aan de Duitse gepensioneerden met veel spaargeld) een deel onteigend werd, bleek de waarde van de compagnie louter speculatief. 

Slimme investeerders trokken hun geld op tijd weg, en zetten het om in luxegoederen of onroerend goed. De klerenwinkels in de Rue Saint-Honoré, "qui, ci-devant, avait fourni de quoi vêtir superbement toute la France et ses voisines se trouvait alors comme épuisée"; waren in een mum van tijd "leeggeshopt". Al snel bleek echter dat de truc met het papiergeld enkel kon werken voorzover aandeelhouders hun kapitaal in de vennootschap immobiliseerden. Toen ze hun fictieve winst omzetten in goud en effectief papiergeld begonnen uit te geven, crashte de compagnie, en dus ook de waarde van het papiergeld, dat aan haar beurswaarde gelinkt was. Alles wordt schitterend uitgelegd in La Banqueroute de Law van de Franse centristische politicus Edgar Faure (verschenen in de Gallimard-reeks 30 journées qui ont fait la France).

donderdag, juni 21, 2012

Louis XIV illustré



Een zeer sterk aan te raden boek: Der Sonnenkönig und seine Feinde, het Habilitations-proefschrift (een soort tweede doctoraat) van prof. Heindrik Ziegler (Kunstgeschiedenis, Hamburg, sprak begin mei in Oxford op de Louis XIV Outside/In-conferentie).

Ziegler bespreekt er de immense Ludovicaanse iconografische propaganda in politiek/militaire context, met inbegrip van de Europese tegenreacties. Voortbouwend op Peter Burke's werk over 'the making of louis XIV' brengt hij een op primaire bronnen gebaseerd, gedetailleerd en grondig geïllustreerd boek (hardcover, A4), waarvan ik geen gelijke ken voor historici. Zijn prijs meer dan waard. De glanzende bladzijden wemelen van de afbeeldingen die ik gebruikt heb (Hollandse spotprenter naar Romeyn De Hooghe), of had willen gebruiken (Almanach Royal) voor mijn eigen boek.

maandag, juni 18, 2012

De Gaulle à Matignon

 

Les lundis de l'histoire (een van de uitstekende historische uitzendingen op France Culture) besteedde op 28 mei tijd aan Georgette Elgey, gerespecteerd modern historica met een zeer aangename pen. Elgey schrijft al jaren aan een dikke geschiedenis van de Vierde Franse Republiek (1944-1958), die van de Algerijnse en Suez-crisissen uitliep op het terugroepen van generaal de Gaulle door René Coty. Het recentste deel van haar magnum opus heeft als titel "de Gaulle à Matignon". Toen Coty de Gaulle terughaalde, was dat formeel als eerste minister, om een grondwetsherziening voor te bereiden en te regeren met bijzondere machten.

Elgey (°1929) -die de periode zelf beleefd heeft als jonge journaliste, met een duidelijk gaullistisch etiket- vertelt in haar onderhoud met Philippe Levillain onder meer dat het fameuze artikel "49-3" van de Franse Grondwet, dat de regering in staat stelt om tegen het parlement in een wetsvoorstel te laten goedkeuren (intussen ingeperkt door de grondwetsherziening van 2008), eigenlijk een idee is van... de socialistische eerste minister Guy Mollet, en niet van de Gaulle zelf.

De uitzending valt hier te beluisteren.

vrijdag, juni 15, 2012

Doctoraatsverjaardagskalender


 

Ter gelegenheid van de 287ste verjaardag van de benoeming van kardinaal André-Hercule de Fleury tot eerste minister van Frankrijk in 1726, een lijstje van data die maken. Men kan in het leven van een doctorandus (mits het onderwerp voldoende ruim is) elke dag wel iets anders herdenken. Een (zeer) willekeurige selectie:

Januari


  • 4 januari 1717: triple alliantie tussen Frankrijk en Groot-Brittannië-Staten-Generaal 
  • 8 januari 1719: Franse oorlogsverklaring aan Spanje
  • 9 januari 1722: Spaanse Infanta Maria Anna Victoria en Mlle de Beaujolais (dochter Filips van Orléans) worden uitgewisseld op het Fazanteneiland (zoals in 1659 Maria Theresia van Habsburg en Lodewijk XIV)
  • 10 januari 1724: troonsafstand Filips V ten gunste van zoon Luis 
  • 12 januari 1726: avonturier Ripperda vertrekt uit Wenen terug naar Madrid om eerste minister te worden
  • 12 januari 1726: Landgraaf Hessen-Kassel treedt toe tot de alliantie van Hannover: 12 000 man in ruil voor £ 12 500 subsidies
  • 17 januari 1724: Karel VI ondertekent de expectatieve investituur van Don Carlos voor Parma, Piacenza en Toscane
  • 19 januari 1713: Townshend-Barrièretraktaat (bijzonder gunstig voor de Staten-Generaal)
  • 20 januari 1731: overlijden van de hertog van Parma => Keizerlijke troepen bezetten zijn hertogdom als rijksleen 
  • 20 januari 1727: King's Speech (Lagerhuis): beschuldigt Spanje en Keizer van groot katholieke complot tegen protestantse monarchie
  • 24 januari 1737: Karel VI geeft schoonzoon Frans van Lotharingen de investituur voor het Groothertogdom Toscane
  • 26 januari 1724: effectieve opening van het Congres van Cambrai 
  • 28 januari 1731: Spanje repudieert officieel het verdrag van Sevilla, verwijt bondgenoten laksheid
Februari
 

  • 1 februari 1733: overlijden Augustus II de Sterke van Saksen-Polen, de man met de "365 bastaarden"
  • 5 februari 1718: Statute 5 George I cap 21 tegen de Compagnie van Oostende
  • 5 februari 1721: overlijden diplomatiek genie James Stanhope (overmatig drankgebruik)
  • 8 februari 1725: overlijden Peter de Grote
  • 10 februari 1701: Act of Settlement: geen katholieke prins op de Britse troon, geen vreemdelingen in publieke betrekkingen; geen buitenlandse verblijven monarch zonder parlementaire instemming
  • 12 februari 1717: katholieke pretendent James III uitgewezen uit Avignon
  • 15 februari 1729: geheim verdrag tussen Lodewijk XV en de Wittelsbachs: Gullik en Berg worden aan hen toegewezen, in ruil voor neutraliteit in geval van een oorlog met de Keizer
  • 17 februari 1720: Spanje treedt toe tot de Quadruple Alliantie en opent zo de weg naar het congres van Cambrai
  • 20 februari 1715: uitdoving apostolische (pauselijke) aanspraken op Sicilië 
  • 20 februari 1737: val van Chauvelin als secrétaire d'état des affaires étrangères en garde des sceaux, verdwijnt naar zijn kasteel in Grosbois
  • 21 februari 1725: Lodewijk XV overeet zich aan chocolade-bonbons (diablotins) en veroorzaakt zo een grote diplomatieke crisis
  • 28 februari 1733: Keizer geeft investituur voor hertogdommen Bremen en Verden aan George II van Hannover-Groot-Brittannië
Maart
 

  • 6 maart 1714: verdrag van Rastatt tussen Louis XIV en Karel VI 
  • 6 maart 1728: Pardoverdrag (Frankrijk-Groot-Brittannië-Spanje) ter uitvoering van de Parijse preliminaria (zie 31 mei 1727) 
  • 8 maart 1725: Monsieur le Duc zegt officieel geplande huwelijk tussen Lodewijk XV en Maria Anna Victoria af
  • 10 maart 1731: verdrag van Wenen tussen Keizer en Groot-Brittannië: definitief einde Oostendse Compagnie
  • 13 maart 1734: Rijksdagsbesluit over oorlog tegen Frankrijk 
  • 13 maart 1713: registratie van de verzakingsverklaringen van de hertogen van Orléans en Berry (t.a.v. de Spaanse troon) in het Parlement van Parijs
  • 15 maart 1726: Oostenrijkse ambassadeur Palm uitgewezen na leveren munitie aan de Tory-oppositie
  • 20 maart 1730: Orry aangesteld tot contrôleur-général des finances (één van de meest succesvolle Franse ministers van financiën ooit, die zelfs tot een evenwicht in de rekeningen komt...)
  • 27 maart 1721: alliantie- en vriendschapsverdrag van Buen Retiro, dubbelhuwelijk tussen Frankrijk en Spanje
April
 
  • 9 april 1727: Britse ambassadeur Saint-Saphorin uitgewezen uit Wenen
  • 11 april 1713: verdragen van Utrecht 
  • 12 april 1724: Carteret in interne Whig-oorlog gedegradeerd van secretary of state for the Southern Department tot Lord Lieutenant voor Ierland
  • 13 april 1716: alliantie tussen Karel VI en Venetië tegen de Sultan
  • 16 april 1715: alliantie tussen Hannover (Groot-Brittannië) en Pruisen tegen Zweden (Noorse Oorlog)
  • 19 april 1713: Pragmatieke Sanctie Karel VI 
  • 21 april 1736: dood Eugenius van Savoye in Wenen
  • 23 april 1726: Britse admiraal Hosier blokkeert Spaanse zilvervloot in de Caraïben
  • 26 april 1723: Lodewijk XV zet de bastaarden van Lodewijk XIV een stap terug in de erfopvolging
  • 27 april 1719: Oostends schip Marquis de Prié wordt in beslag genomen door de VOC voor kaap Lahou
  • 28 april 1724: eerste plenaire zitting op het congres van Cambrai
  • 30 april 1725: vredes- en alliantieverdrag tussen Karel VI en Filips V, onderhandeld door de avonturier Ripperda; laat Congres van Cambrai spaak lopen
  • 30 april 1737: publicatie van Cornelius Van Bynkershoeks Quaestionum Juris Publici Libri Duo
Mei
 
  • 6 mei 1720: wapenstilstand en ontruiming Sicilië
  • 8 mei 1720: wapenstilstand en ontruiming Sardinië
  • 11 mei 1718: stabilisatie-edict van de Regent: cours tyrannique aan de louis d'or en de zilveren écus
  • 15 mei 1726: avonturier Ripperda legt alle ambten in Spanje neer en neemt de benen naar de Britse ambassade, wiens volkenrechtelijke immuniteit geschonden wordt (Ripperda wordt later door Spaanse troepen meegenomen en in de gevangenis gegooid)
  • 15 mei 1734: Don Carlos (zoon Filips V) proclameert zichzelf tot Koning van Napels en beide Siciliën
  • 16 mei 1738: geheim verdrag Frankrijk/Beieren over opvolging Keizer
  • 18 mei 1736: Rijksdag in Regensburg keurt preliminaria Keizer/Lodewijk XV goed
  • 25 mei 1720: Verklaring van Aranjuez: Filips V verzaakt aan Sicilië en zijn reversierecht, treedt toe tot de Quadruple Alliantie
  • 27 mei 1725: aankondiging huwelijk Lodewijk XV en Marie Leczynska, dochter van de verjaagde ex-koning van Polen
  • 28 mei 1734: slachting bij de veldslag van Parma tussen Oostenrijkers en Fransen
  • 31 mei 1727: preliminaria van Parijs tussen Frankrijk en Spanje, maakt een einde aan de internationale spanning, veroorzaakt door het Ripperdaverdrag; schorsing voor zeven jaar van de Compagnie van Oostende (principe)
Juni
 
  • 9 juni 1720: fiscaal van de admiraliteit Amsterdam legt beslag op de Flandria (Brugs schip), als represaille voor het verlies van de Commany
  • 12 juni 1726: ontslag van "Monsieur le Duc": hertog van Bourbon niet langer eerste minister Lodewijk XV
  • 12 juni 1734: dood veldmaarschalk Berwick
  • 14 juni 1728: opening van het congres van Soissons door Fleury en Sinzendorf
  • 17 juni 1734: dood veldmaarschalk Villars
  • 21 juni 1719: slag van Francavilla: Spanjaarden verslaan Oostenrijkers
  • 22 juni 1720: verklaring van San Lorenzo: Filips V verzaakt aan heel Italië
  • 23 juni 1734: La Peyrouse capituleert in Danzig voor de Russen
  • 29 juni 1734: veldslag van Guastalla: de Coigny (Fra) wint tegen Oostenrijkers
Juli
 
  • 4 juli 1719: kassa rinkelt voor de Oostendse Compagnie: Prince Eugène keert terug uit Kanton met 1 000 000 fl. aan thee
  • 11 juli 1708: slag bij Oudenaarde 
  • 12 juli 1717: Giulio Alberoni, Spaans eerste minister, wordt kardinaal
  • 13 juli 1720: remissiepreliminaria tussen Savoye-Sardinië en Karel VI
  • 18 juli 1734: capitulatie Philippsburg voor de Fransen
  • 21 juli 1718: vrede van Passarowitz tussen de Sultan en de Keizer
  • 31 juli 1712: Filips V verzaakt aan de Franse kroon en petit comité
Augustus
 
  • 1 augustus 1714: dood van Anna van Groot-Brittannië, opvolging door George I
  • 2 augustus 1718: Quadruple Alliantie tussen Frankrijk, Groot-Brittannië en de Keizer (met een opening voor de Staten-Generaal)
  • 4 augustus 1733: nieuw verdrag Frankrijk-Wittelsbachs tegen Pragmatieke Sanctie
  • 5 augustus 1716: Slag van Peterwardein: Eugenius verplettert de Turken
  • 6 augustus 1726: Russische Tsarina belooft 30 000 man aan Keizer en Spanje
  • 8 augustus 1720: effectieve cessie Sardinië door Karel VI
  • 9 augustus 1720: tweede Flandria gepakt bij Fort Bencoulen (Brits)
  • 10 augustus 1723: overlijden kardinaal Dubois in Versailles
  • 11 augustus 1718: zeeslag van Passaro: Byng keldert de Spaanse vloot
  • 15 augustus 1717: n.a.v. bezoek Peter de Grote aan Parijs: Frans-Pruissisch-Russisch alliantieverdrag
  • 19 augustus 1719: verzakings verklaring Maria Josepha van Oostenrijk bij huwelijk met Frederik III Augustus van Saksen
  • 20 augustus 1727: aanstelling Chauvelin als garde des sceaux
  • 22 augustus 1717: Spaanse invasie van Sicilië 
  • 22 augustus 1717: val van Belgrado voor Eugenius
  • 23 augustus 1719: Karel VI verkrijgt een patent voor de Oostendse compagnie aan de Coromandel-kust
  • 26 augustus 1735: 12 000 Russen versterken Eugenius aan de Rijn 
September
 
  • 1 september 1715: overlijden Lodewijk XIV
  • 2 september 1715: cassatie testament Lodewijk XIV door Parlement van Parijs; Filips van Orléans regent
  • 3 september 1725: alliantieverdrag van Hannover: Frankrijk, Groot-Brittannië en Pruisen spannen samen tegen een liga tussen Keizer, Tsarina en Spanje 
  • 6 september 1724: Filips V terug op de troon na vooroverlijden Luis I
  • 10 september 1721: Vrede van Nystad tussen Zweden en Rusland; einde Grote Noorse Oorlog (1700-1721)
  • 16 september: Dubois gemandateerd als buitengewoon gezant om in Hannover met Stanhope te onderhandelen
  • 20 september 1726: Fleury wordt kardinaal
  • 28 september 1721: Guillaume Dubois wordt kardinaal
Oktober
 
  • 3 oktober 1722: Maria Amalia van Oostenrijk verzaakt aan haar opvolgingsrechten n.a.v. huwelijk met Karel Albert van Beieren
  • 3 oktober 1735: preliminaria van Wenen: grote territoriumswap beëindigt Poolse Successieoorlog
  • 6 oktober 1717: Karel VI verenigt Luxemburg en Brabant
  • 9 oktober 1711: Frans-Britse preliminaria in de Spaanse Successieoorlog 
  • 11 oktober 1733: Franse oorlogsverklaring aan Karel VI in Poolse Successieoorlog
  • 12 oktober 1726: verdrag van Wusterhausen: Pruisen verlaat de alliantie van Hannover en loopt over naar de Keizer, in ruil voor erkenning van het Hohenzollern-recht op de successie in Gullik en Berg
  • 17 oktober 1715: verdrag van Greifswald: Rusland spant met Hannover (Groot-Brittannië) samen tegen Zweden
  • 18 oktober 1731: Keizerlijk commissiedecreet over de Pragmatieke Sanctie voor de Rijksdag in Regensburg
  • 20 oktober 1740: overlijden Karel VI in Wenen
  • 23 oktober 1719: Oostendenaar De Winter neemt Hollands yacht Commany als represaille voor het verlies van de Marquis de Prié
November
 
  • 3 november 1733: Milaan (Keizer) valt voor Frans-Spaans-Sardijns leger
  • 3 november 1736: dood Jose Patiño, Spaans eerste minsiter
  • 4 november 1733: Keizerlijke oorlogsverklaring tegen Frankrijk, Savoie-Sardinië, Spanje
  • 5 november 1712: Filips V verzaakt aan de Franse kroon voor de Cortes
  • 7 november 1733: eerste Bourbon-familiepact tussen Lodewijk XV en Filips V
  • 9 november 1729: verdrag van Sevilla tussen Frankrijk-Groot-Brittannië en Spanje; dreiging oorlog tegen Keizer
  • 15 november 1715: Barrièretraktaat van Antwerpen tussen Staten-Generaal, Keizer en Groot-Brittannië 
  • 15 november 1715: slag van Sheriffmuir: Earl of Mar (leider Schotse Jacobitische opstandelingen) verpletterd door Engels (protestants) leger van George I
  • 17 november 1730: Filips V laat weten het congres van Soissons als verbroken te beschouwen  
  • 18 november 1738: definitief vredesverdrag Frankrijk/Keizer/Rijk
  • 21 november 1733: Jose Patiño Spaans eerste minister
  • 23 november 1736: Frankrijk erkent Augustus III als koningvan Polen
  • 23 november 1724: Frankrijk aanvaardt expectatieve investituur Don Carlos voor Parma-Piacenza en Toscane
  • 24 november 1733: neutraliteitsverdrag Den Haag tussen Frankrijk en de Staten-Generaal: Zuidelijke Nederlanden worden met rust gelaten
  • 28 november 1716: wederzijds Frans-Brits garantieverdrag van Hannover, formeel begin van een tandem
December
 
  • 2 december 1723: overlijden Filips van Orléans
  • 5 december 1719: kardinaal Alberoni valt uit de gratie bij Filips V, verliest alle ambten
  • 5 december 1726: start oppositiekrant The Craftsman (Bolingbroke/Tories) tegen Walpole-ministerie
  • 9 december 1718: Frankrijk wijst de Spaanse ambassadeur Cellamara uit
  • 14 december 1719: Victor Amadeus II van Savoye gekroond tot koning van Sardinië 
  • 19 december 1722: octrooi op patent voor de Keizerlijke Oost-Indische Compagnie van Oostende
  • 19 december 1711: Karel VI aanvaardt Keizerlijke Imperiale Capitulatie Rijksdag
  • 22 december 1718: tweede barrièreverdrag (Staten-Generaal, Groot-Brittannië-Keizer)
  • 24 december 1734: brand in het Alcazàr van Madrid: archieven opgestookt
  • 29 december 1718: verdrag tussen Keizer en Savoye-Sardinië over ruil Sardinië/Sicilië

donderdag, juni 14, 2012

Historische kaarten in *.gif

Interessant experiment bij Jamel Ostwald, die een kaart van de geallieerde (Habsburgs-Brits-Hollands-Portugese) bezetting van het Iberische schiereiland tijdens de Spaanse Successieoorlog ontwierp. Zie zijn al eerder aangeraden blog "Skulking in Holes and Corners".

maandag, april 23, 2012

Parijs: 'drie swing states' naar Hollande

(bron: libération.fr)

Altijd boeiende kaart: de electorale geografie van Parijs-stad (20 arrondissementen). De clichés worden bevestigd: traditioneel rechts blijft traditioneel rechts, links ook. Maar: de swing states op de Parijse electorale kaart (IV/V/XIV/IX) staan dit keer duidelijk in het PS-kamp. Parijs komt meteen voor het eerst in het rood voor de presidentsverkiezingen.

Rechts:
-XVIe (rijke oude dametjes, OESO): Sarko 64,85%, Hollande 14%
-VIIIe (wijk van het Élysée, ambassades): Sarko 58,28%, Hollande 17%
-VIIe (Rachida Dati, Champ de Mars, Parlement, Matignon): Sarko 58,18%, Hollande 18%

Het Ve (fief van Jean Tiberi, opvolger van Chirac als burgemeester van Parijs, betrokken in diverse schandalen) is naar links gekanteld. Sarko had er met 33% nog de eerste plaats in 2007, nu is dat Hollande met 35%. Ook het IVe (Marais/Hôtel de Ville) ging over (34% Sarko in 2007 <=> nu 35% Hollande).

Links:
-XXe (populair): Hollande 43%, Sarko 19%
-XVIIIe (populair, Montmartre): Hollande 43%, Sarko 18%
-IXe: Hollande 42%, Sarko 20% (<=> in 2007 stond Sarko hier nog op 1, met 35%)
-XIe (Bastille): Hollande 42%, Sarko 22%
-XIXe (populair): Hollande 41%, Sarko 22%
-XIIIe (BnF): Hollande 40%, Sarko 22%
-IIIe (Marais): Hollande 40%, Sarko 28%

Le Pen doet het slecht in Parijs, overigens.

zaterdag, april 21, 2012

'Exit-poll'

Nu de officiële campagne beëindigd is, wordt er nog wat nagepraat in de Franse media over de publicatie van de verkiezingsuitslag zondag. In Frankrijk gelden strikte regels. Zo mag er vandaag en morgen geen campagne gevoerd worden en staan strenge boetes (boven de 100 000 euro) op het bekendmakingen van schattingen voor acht uur.

Reden ? Heel eenvoudig: in de steden blijven de stembureau's open tot dat moment. Enkel in de plattelandsdistricten zijn ze dicht om zes uur of half zeven. Het zoals het bij ons verboden is om indicaties over de uitslag te verspreiden voor iedereen gestemd heeft, mag je ook in Frankrijk het stemgedrag niet beïnvloeden op de verkiezingsdag zelf. Vooral in een verkiezing met twee rondes, waar zondag 8 van de 10 kandidaten moeten afvallen, kan strategisch stemgedrag belangrijk zijn. Zo kan je toch nog op Mélenchon of Le Pen stemmen, als je zeker bent dat Hollande of Sarkozy hun doelstellingen behaald hebben. Of omgekeerd: de kandidaat in nood snel-snel redden.

Jean-Michel Apathie, die ik bijzonder apprecieer omwille van zijn ochtendlijke interviews, waarin hij altijd kritisch is, zowel tegenover linkse als rechtse genodigden, stelt zich in dit debat op aan de kant van de Franse wet. Hij vindt dat buitenlandse media die ook zouden moeten respecteren, uit pure courtoisie. 

Om te vermijden dat, zoals in 2007, de RTBf de uitslag al de ether (en het net) ingooit om half zeven, is afgesproken tussen de peilingbureau's dat niets mag worden gecommuniceerd naar buitenstaanders, ook niet informeel, voor acht uur. Hopelijk lukt dat. De bekendmaking met de wegtikkende seconden om acht uur is een televisie-hoogtepunt dat veel pluimen verliest door lekken op voorhand. Het is altijd een mooi spektakel hoe plots de steunpilaren van de belangrijkste kandidaten (die de uitslag natuurlijk al kennen van 18:30) hun eerste strategieën voor de tweede ronde of voor allianties met de overgebleven kandidaten, komen verkopen, wanneer de bom gevallen is.

Nu goed: hoe kan het eigenlijk dat die uitslag al om 18:30 kan vastliggen, terwijl de tientallen miljoenen (papieren!) stembiljetten nog lang niet geteld zijn ? In België duurt het vaak tot een stuk in de nacht voor bijvoorbeeld de uitslag van het kanton Gent binnen is. Apathie legt op zijn blog uit hoe de peilingbureau's werken voor de 'estimations de sortie des urnes' (exit-poll, niet te verwarren met een peiling), die een onberispelijk track record hebben.

donderdag, april 19, 2012

'I am not dangerous'


 Interessante lezing van Dominique Moisi (IFRI, een van de meest geconsulteerde Franse experten in de Anglo-Amerikaanse wereld) afgelopen maandag voor Chatham House over de présidentielles. In het publiek onder andere de redacteur van The Economist die eerder Sarko en Hollande in le déjeuner sur l'herbe op de cover zette met de titel "A country in denial - the West's most frivolous election". 

Ik ga akkoord met de analyse: Hollande wint, door persoonlijke, emotionele rejet van Sarkozy bij brede categorieën van de bevolking; eens aan de macht, voert hij een gematigd beleid, met aandacht voor sociale rechtvaardigheid, hoewel de ondertoon (het publiek terwille ?) nogal denigrerend is ten opzichte van de economische oriëntatie van de PS. 

Hollande bracht een tijd terug een bezoekje aan Ed Milliband, en eerder nog aan de financiële wereld. Hij zou er verteld hebben "not dangerous" te zijn. Prompt hernomen door Mélenchon als "votez pour moi, because I am véry dangerous" (helaas laten de lettertekens van dit bericht niet toe om de juiste intonatie en klemtonen weer te geven). 

Moisi herhaalt uitentreure dat Hollande een sociaal-democraat is (wat natuurlijk klopt), om zijn voorgenomen beleid te verdedigen. Frankrijk zou helemaal niet 'in denial' zijn, maar zeer goed beseffen dat er nu enkel offers komen, en dat die maar beter gebeuren onder een rechtvaardig bewind. 'Met deze man geen avonturen'. De fiscale emigratie naar België of Zwitserland zal meevallen. Hollande is eigenlijk Europeser dan Sarkozy. En geniet (in de interpretatie van Moisi) het meeste steun in Engeland, waar de financiers niet zouden kunnen kiezen tussen iemand die onhoudbare beloftes doet (Hollande) en iemand die in het verleden bewezen heeft de zijne toch nooit na te komen (Sarko).

Integraal terug te vinden hier en hier (Q&A achter, met onder andere een vraag van de Belgische ambassadeur in Londen).

woensdag, april 18, 2012

Volgtip militaire geschiedenis

Volgtip: de blog 'Skulking in Holes and Corners' van Jamel Ostwald, auteur van een bijzonder interessant boek over Vauban als offensieve belegeraar en spreker op het congres 'Louis XIV Outside/In: Reactions and Responses to the Sun King beyond France', waaraan ik binnen een paar weken deelneem.

maandag, april 16, 2012

Commerce between Most Sacred and Catholic Majesties


During the redaction of my PhD (a tough but necessary process), I occasionally come across commercial or maritime texts, such as the Treaty of Navigation and Commerce between Charles VI and Philip V, concluded at Vienna, 1 May 1725 (Corps Universel Diplomatique du droit des gens, VIII/2, nr. XXXVIII, 114-121). This treaty constituted the economic part of the so-called 'Ripperda'-treaty, whereby the Habsburg Emperor and the Bourbon King of Spain concluded a monster alliance (see elsewhere). In practice, they walked away from the Congress of Cambrai (1722/1724-1725), somewhat unexpectedly stabbing France and Great Britain (mediators at the said multilateral conference) in the back.

The commercial clauses infuriated Britain (as always). At the 1713 Peace of Utrecht, Britain had become the prime trade partner of 'Old Spain' and its colonies. The former where of vital importance in 17th-18th century economic thought: the circulation of wealth in Europe was seen as a zero-sum game. Only the colonies brought a yearly surplus. Seizing the stream of gold from America and India amounted to de facto control of the continent.

When Emperor Charles VI surprisingly concluded peace with Spain, he obtained considerable economic privileges. Philip V now willingly accorded an equal rank to the subjects of the Emperor, who never had been very active in overseas commerce until Charles' decision to create companies at Ostend and Trieste. Charles was the sovereign of the current Belgium. His subjects had established the successful East India Trading Company (1722). Ships from Ostend came back from the East Indies with cheap tea, breaking market prices in Holland and Britain. At Cambrai, Britain asked for the abolition of the company. Secretly, The Hague and London even plotted to attack and destroy the port and harbour of Ostend.
It is very interesting to note how elaborate the commercial treaty was. It foresaw dispute settlement procedures, consular and diplomatic protection, seizure and customs limitation rules, property protection rules and embryonic 'human rights' (framed in the Ancien Régime-terms of 'liberty' and 'privilege') for Charles' subjects ('Belgian', Italian, German, Austrian, Bohemian, Hungarian...). The document granted legal security and limits import taxes in Spain, a flat rate replacing all external and internal duties. It tried to define contraband (which gave rise to numerous maritime disputes throughout the Early Modern period) and settled rules for inheritance. The treaty runs over 47 articles and highlights thus materially the importance of economic aspects in the droit public de l'Europe, creating an ad-hoc medley of public international, private international, tax law, civil procedure, tort and contracts, as the wordle should illustrate.

woensdag, april 04, 2012

Gullik, Berg en Wenen


 Het voorlopige programma van het jaarlijkse (achttiende) European Forum of Young Legal Historians staat online op de site van de Association of Young Legal Historians. Deze jaarlijkse ontmoeting van jonge rechtshistorici is de gelegenheid om collega's terug te zien en te horen hoe het staat met hun onderzoek, maar ook om een Europese stad met groots verleden dan wel toekomst te ontdekken. 

Dit jaar gaat het naar Wenen (30 mei-2 juni), van 1715 tot 1788 onze eigen "Kaiserliche und königliche" hoofdstad. Uw dienaar spreekt er over een Keizerlijk probleem uit de achttiende eeuw: de successie in de Rijnhertogdommen Gullik en Berg. 

U vraagt zich wellicht af wat dit te maken heeft met mijn doctoraatsonderzoek, dat betrekking heeft op de Franse en Engelse diplomaten en juristen in de periode 1713-1739.

 (afbeelding: Wikimedia Commons)

Er is namelijk al een hoop geschreven over Gullik, Berg en Kleef:
- deze rijke domeinen (denk aan de stad Düsseldorf, hoofdstad van Berg) liggen erg dicht bij de Nederlanden en zijn daarom alleen al als grenszone bijzonder interessant - in 1610 leidde de opvolging er bijna tot een Europese oorlog. Hendrik IV van Frankrijk, de man die een einde maakte aan de godsdienstoorlogen, zou zijn vermoord door Ravaillac toen hij op het punt stond binnen te vallen in het Rijk om zijn (protestanse) kandidaat te steunen tegen de Keizer 
- in 1740 valt Frederik de Grote van Pruisen Silezië binnen, wanneer hij hoort dat keizer Karel VI is overleden. Het is algemeen bekend dat hiermee de Oostenrijkse Successieoorlog (1740-1748) losbarst. Minder bekend is echter dat Frederik ook naar het Westen keek en zelfs zijn eerste militaire expeditie naar... Herstal heeft gebracht, waar de Hohenzollerns tegenover de Prins-bisschop van Luik stonden. Een van Frederiks vaders vetes met de Keizer betrof net Gullik en Berg, waar Karel VI zijn woord had gebroken;
- precies in deze context (Pruisen wil de hertogdommen binnenrijven en een tweede, Westelijke, poot uitbouwen aan de Rijn) krijgt Frederiks vader, "Soldatenkoning" Frederik Willem I in 1725 de belofte van Frankrijk en Engeland, dat de successie voor hem zal zijn (Alliantie van Hannover, zie o.a. mijn artikel 'So Great A Revolution'). 
- een jaar later, in 1726, laat Frederik Willem hen alweer zitten (Verdrag van Wusterhausen, naar het gelijknamige grimmige slot in Pruisen): de keizer heeft een alliantie gesloten met de Russen, die militair erg bedreigend zijn (cf. het hertogdom Pruisen ligt vlakbij de Baltische staten, die Peter de Grote zonder veel moeite onder de voet heeft gelopen). 

Het doel van mijn interventie is tonen hoe de inbreng van Frankrijk en Engeland als bemiddelaars, en eigenlijk gangmakers van het Europese Concert tussen 1713 en 1739, ertoe leidt dat Gullik en Berg wordt geherkwalificeerd als een internationaal, en niet als een intern-Duits probleem. In de zeventiende eeuw hebben Pruisen/Brandenburg en de familie Palts/Neuburg (die verder de Rijn op heersen in Heidelberg en Mannheim) namelijk de opvolging van Gullik, Kleef en Berg bij verdrag geregeld. Brandenburg vindt het in 1725 tijd om bij uitsterven van de zittende tak, zelf aan de beurt te komen.  

Aan elke partij hangt echter een bondgenoot vast: de familie Palts-Sulzbach, die in 1743 in de persoon van keurvorst Karl Theodor ('das Glücksschwein') ook de gebieden zal recupereren bij het overlijden van hertog Karel III Filips van de Palts, spant samen in een familiepact met de andere Wittelsbachs in Beieren en Keulen. Frankrijk probeert al zeer lang om dit blok in het Duitse Rijk aan haar kant te krijgen en zit hiervoor in een opbod met de Keizer. Tegelijk heeft de keizer zowel Hohenzollerns als Wittelsbachs nodig om zijn eigen Pragmatieke Sanctie te laten garanderen en zo zijn opvolging door zijn dochter Maria Theresia veilig te stellen.

Op dit punt komt er een conflict tussen de feodale, keizerlijke prerogatieven van Karel VI als keizer (= geen leenman meer voor een gebied => leen valt terug aan hem, hij beslist wie het krijgt), uitgeoefend door de Keizerlijke Rijkshofraad en anderzijds het in Westfalen gegarandeerde ius territorialis: alle Rijksleden (meer dan 300) mogen een eigen buitenlandse politiek voeren en verbintenissen bij verdrag aangaan... voorzover die de algemene Rijksvrede niet schenden. 

Terwijl er in Hannover onderhandeld wordt over een alliantie tussen Pruisen, Frankrijk en Groot-Brittannië, is er eigenlijk nog een proces hangende voor de Keizerlijke rechtbank, die probeert de in elkaar gevlochten en duchtig vervalste stambomen, contracten, akten en diplomata van de pretendenten te ontrafelen. Die Reichshofrat (opgericht om een 'eigen' en manipuleerbare rechtspraak te hebben, tegen die van het Reichskammergericht, waar de Rijksleden en niet de Keizer, de plak zwaaien) staat echter vooral bekend om haar traagheid en grote vatbaarheid voor corruptie... 

Wie wil weten hoe het verhaal precies gaat, moet maar in Wenen komen luisteren (of eventueel later het artikel lezen). Mijn bronnen zijn de Franse en Britse diplomatieke archieven en een hoop gepubliceerde pamfletten van alle pretendenten (Pruisen, Saksen, Palts).

History of the International System (James Sheehan)


Een aanrader op iTunes U (de academische collectie gratis podcasts die Apple aanbiedt via de Store, met onder andere het Collège de France en Oxford University): History of the International System, 'undergraduate' (= bachelor)-vak gedoceerd door James Sheehan (Stanford). 

De cursus begint aan het einde van de negentiende eeuw, met de 'eerste' globalisering (= je kan als Franse, Britse, Amerikaanse... zakenman perfect orders geven aan je subcontractanten aan de andere kant van de wereld, maar de transactie- en transportkost is nog erg hoog in vergelijk met vandaag). Leidraad voor het begrijpen van de internationale orde is het 'good old' soevereiniteitsbegrip. Alle grote momenten passeren de revue (WOI, interbellum, WOII...), met de nadruk op recurrentie, identiteitsvorming (historisch/religieus) en economische interacties. De déboires van het Ottomaanse Rijk en de Perzen krijgen in de eerste uitzending bijvoorbeeld ook al vrij veel aandacht, met referenties naar de hedendaagse politiek (vb extraterroriale bevoegdheid Westerse rechtbanken voor handels-, maar ook strafrechtelijke geschillen waarin eigen onderdanen betrokken zijn; onvolmaakte soevereiniteit etc.). Uiteraard speelt ook de geografie een eersterangsrol.

De doceerstijl is bijzonder aangenaam (rustig, veel herhaling, geduldig uiteenzetten van de grote begrippen, het gaat uiteindelijk om een inleidende cursus). Ideaal om naar te luisteren op de fiets, in de file, al kokend... Een mooi verhaal over 'international politics' (en niet 'international policy' of 'international relations'), met veel aandacht voor antagonismen en begrip voor de rol van diplomaten ('Intrigues... well, of course ! That is what diplomats do !').

Downloaden/abonneren kan hier.

dinsdag, maart 06, 2012

Nonsensical ideas on the 18th century Balance of Power


One of the concepts I have to struggle and cope with in my research, is the famous "Balance of Power"-principle. This -roughly stated- parts from the idea that in a state system with multiple sovereigns, there will always be a coalition against the most powerful player among them. Needless to say, this theory has been modelled after centuries of European history, where diverse power centres competed on the same continent without a decisive outcome. For the early modern period, we can easily see this phenomenon in anti-hegemonic coalitions against Catholic Spain (16th century; France-Ottoman Empire; France-German Protestants), against the Catholic Emperor (17th Century; German Protestants-Sweden-France) and against Catholic (gallican) France (Emperor-Britain-Holland-German Protestants).

As the nature of all these coalition varied according to contextual factors, it is hard to establish a definitive social science- or legal doctrine-proof typology. This frustration led to affirmations that a coherent "Balance of Power"-behaviour never existed in European history, nor outside of Europe (cf. Richard Little et. al., "Testing Balance-of-Power-Theory in World History", European Journal of International Relations, 2007; based on secondary sources), or to the idea that "Balance of Power" is not "law", since you can turn and twist it the way you like.

I think this is grossly overstated. Whoever starts his inquiry with the hope to find coherent, systematic or closed reasoning, can easily point to the shortcomings of historical actors with respect to the principles they brandish to cover their political strategy. If research would be that simple, nobody would bother funding it. If the hypothesis doesn't fit with the material, the work needs to be done over, and not abandoned. We need to analyse the past in its own terms, especially for the 18th century, where all (ill-defined an blurry) spheres of action (politics, law, philosophy, theology...) intermingle.

For instance, if we look at the 1713-1743 period ("Les Trente Heureuses"), we see that balance language appears as a catch-all category for all parties involved in European politics. Even when actual behaviour is not consistent with a pretence to uphold the equality amongst states and the fair division of power on the international level, it is presented in such a form to be agreable to the other sovereigns.

Whether we check Spanish, Austrian, French, British or Dutch diplomats, they all revert to the same mechanism: alterations to the peace settlements should only come about in minor proportions and in agreement between all players. Balancing is seen as legitimate. This can be brought about by offering mediation or arbitration services, or by calling for conferences where package deals can settle diverse bilateral problems.

In this respect, it is interesting to note that some authors present the balance as a specifically "British" or "Protestant" principle..

British ? Universal !
During the War of the Spanish Succession (1702-1713), which ended with the Peaces of Utrecht and Baden, the Balance was hotly debated. In previous research, I stated that Balance of Power (both territorial and commercial) language was the quintessential vector for French diplomats (Nicolas Mesnager/Colbert de Torcy), trying to bribe the Dutch Republic into a peace agreement in 1707. This can be traced back to 1668, when France partitioned the Spanish Monarchy with the Emperor.


Britain left the Grand Alliance against France in 1711. Due to the unexpected decease of Emperor Joseph I, his brother Charles would inherit both the Spanish and Austrian Habsburg lands. This altered the balance on the continent in favour of Habsburg to such an extent, that Britain could feel threatened. Consequently, the Tory government (winner of the 1710 elections due to the war-incuded land tax discontent) dropped the 'No Peace without Spain'-adagium, carried by the Whigs, and started talks with France.


One could see this as a perfect illustration of the maxim "Balance of Power is a British principle". However, this is not correct at all. "Balance of Power" had a far more general appeal. First of all, the principle emerged in Italian 15th and 16th century politics, on the continent, and not in Britain. Second, even France and Austria were already conscious of the necessity to partition the Spanish monarchy, back in 1668. Moreover, in the decision to go to war, and in the ceaseless attempts to gain peace during the winter breaks, France talked of nothing but Balance, of splitting the Spanish territories, or of opening its commerce to the allies.

Thus, the more nuanced story is more that of two Balance-discourses joining together, than of a British Balance-language triumphantly imposing itself in Europe.

Protestant ?
Another "idée reçue" is that Balance of Power served the interest of minor Protestant states against big Catholic monarchies (Spain, France, Emperor). Again, this is false. In itself, the Balance-discourse was a-religious. In the first sentence, the words "minor" and "big" are correct, "Protestant" and "Catholic" are irrelevant. B-o-P accompanied the "Westphalian order", where religion is banished as a legitimate reason to go to war between states. Religion was divisive discourse and contained nothing but absolute and antagonist arguments. It served on the internal level, for each national sovereign to impose himself to the detriment of competing discourses (cujus regio, ejus religio). Religion was a matter of sovereignty, a question of state power and its legitimacy, not of international moral principle. Impossible to settle for an international deal, based on religious discourse !

One can find a fine illustration of this in Jens Metzdorf's study on Francis Hare and the pamphlet wars in British public opinion during the War of the Spanish Succession. When the Tory-government decided to open talks with France in 1711, the Whig-opposition saw this as a betrayal of the allies and of years of British war effort. To continue the war, Hare needed an argument to convince public opinion. Besides the treason-argument and the glory of the Duke of Marlborough (soon to be sacked by the Queen), Hare brandished the fear of a return of the Catholic Stuart-monarchy.

In 1688, Britain's Catholic King James II had fled to France, where he was offered support by Louis XIV in his castle at Saint-Germain-en-Laye. In 1701, Louis had recognized James' son, "The Pretender", as the legitimate king of England, thereby bypassing decisions of Parliament to designate William of Orange and James' Protestant daughter Mary II Stuart as King and Queen. (One could argue that Louis made a legal distinction between recognising the Pretender as a monarch for ceremonial reasons only; Colbert de Torcy denied that France broke its 1697 engagements under the Treaty of Rijswijk, where it recognized William III as legitimate ruler of Britain). Britain entered the war in May 1702 because of Louis' decision, which infuriated public opinion.


There was thus a real apprehension of Louis XIV pushing a Catholic monarch on the British throne again. The reigning Queen, Anne (a daughter of James II as well), had failed to conceive and heir to the throne. In order to keep the throne with a Protestant Monarch, Parliament decided in the 1701 Act of Settlement to designate the Elector of Hannover in Germany as her successor. If the French coalition won the war, so ran the argument, this would all be lost.

Now, the essence of this problem does not lie in religion, but in the political regime. James II inspired fear, because religion was a matter of power. With the Catholic faith, James modelled his style of government after Louis', running against the British Parliamentary tradition. Let's not forget that Britain publicly executed his monarch in 1649, barely 40 years before the Glorious Revolution and a long time before the French Revolution...

The association to brandish before public opinion was not that of simple "popery", but of the combination of popery and "tyranny". James was not feared because he was Catholic, but because Catholicism implied French- or Spanish-styled absolutism. Louis had chased the remaining Protestants from France at the 1685 Edict of Fontainebleau, repealing Henri IV' Toleration Edict of Nantes (1598), ending the (ferocious) French Wars of Religion. To Louis XIV, homogenisation of his political power went hand in hand with that of religious power. Religion legitimated the monarchy (see Bossuet's writings on absolute monarchy) and tied the subjects together (Latin: re-ligare). There could be no dissidence on this terrain. Doesn't this remind us of the British monarchy, where religious dissenters left England to settle in the colonies ?

Which brings us to another point: James not only lent on Catholics, but on Protestant "dissenters" as well. When Henri VIII split of the English Church from the Roman Catholic church, he copied most of the liturgy or hierarchy and seized the ecclesiastical estates, as well as the power to appoint bishops. In other words: in Britain as well, religion served to support the central power in the country. To dissent with the monarch's religion, is to dissent with his legitimacy. Louis XIV acted in the same line of thought, as he repeatedly clashed with the pope. Louis' doctrine of Gallicanism was both intolerant within France (with the exception of the conquered city of Strasbourg) and independent from Rome on the external plan.  
Hare emphasised the same idea: in his 1711 Sermon after the fall of the French fortress Bouchain, he emphasized that Britain could not conclude a peace until it was in complete safety from France. Again: James = Catholic = Tyrant = Danger is a more appropriate path of reasoning than James = Catholic = Danger. Hare wanted to fight on, basing himself on Thomas Hobbes' ideas that contracts between states (who live in a permanent and irresolvable state of nature, cf. homo homini lupus) are precarious and depend of the power difference between contracting parties.
 
Alternative "legal languages", such as that of the by then outdated christian bellum iustum, were useless to convince public opinion. You could start a war with it, but not end it. The 1701 Grand Alliance wanted to procure Charles of Habsburg a aequa et rationi conveniens satisfactio, or: his fair share in the Spanish inheritance. Just as Britain and the States-General wanted to obtain their fair share in the Spanish trade, or a Barrier in Belgium against French aggression. Which in turn went back to the Balance, and not to the punishment for an infraction against international law. If Louis XIV would have rejected the testament apportioning the whole monarchy to his grandson Philip of Orléans, Leopold I of Austria would have seized all he could, resulting in an equally vexing situation. In reality, there was no international law for this kind of successions: parties had to settle for a treaty, bypassing internal norms (which, like religious arguments, would endlessly prolong the struggle).
"Sacra sua Caesarea Majestas, Sacra Regio majestas Magnae Britanniae & Domini Ordines Generales, cum nulla res ipsis magis cordi fit, quam pax & tranquillitas generalis totius Europae, judicaverunt ad eam stabiliendam nihil efficacius futurum, quam procurando Caesareae suae Majestati ratione praetentionis suae in Successionem Hispanicam satisfactionem aequam & rationi convenientem"
(art. II, Treaty of the Grand Alliance between Emperor Leopold I, King William III and the States-General, The Hague, 7 September 1701)


One could argue that Balance-of-Power-discourse replaced bellum iustum-theory, or inscribed itself in its reasoning (absence of balance = pretext to wage war, an idea retaken by Emer de Vattel in his 1758 Droit des gens). I think this is utter nonsense. Bellum iustum only makes sense in an integrated and hierarchical international system, since it refers to values that derive there legitimacy from a system above and not between states. At the time of the War of Spanish Succession, there was no such thing as a legitimate or illegitimate war. There was only war (une bonne guerre), or negotiation, with both alternatives leading to a peace treaty establishing a more lasting power distribution and thus forming the framework for future dispute resolution.

Conclusion: Balance of Power is:
- universal
- about national power, not about religion: religion is an instrument of national sovereignty and serves as a legitimacy for the powers in place; discussion or dissidence is allowed within the accepted boundaries of public discourse, e.g. High Church (Tory) vs. Low Church (Whig), e.g. Dévôts (Maintenon) v. libertins (Régence), but religion is so essential to society, that it cannot be seen outside of the public, monarchal context
- Balance of power serves as an idiom of consensus, to allow negotiations and treaties between internally consolidated powers, accepting that religious discourse falls outside the real of international politics, because its excludes consensus

Whig or Tory, doesn't really matter !
To continue our English story: one of the big paradoxes of the Trente Heureuses, is the internal political situation in Britain. Once George of Hannover is installed as George I, the Tories lose power and a Whig-government takes over. One would expect them to carry on the warmonger-politics of the War of the Spanish Succession. This would imply seeking the alliance of Vienna and The Hague, continuing the "Old System" against France.

However, none of this happened. After attempts to lure Habsburg into an alliance (which could have beneficial effects to George as Elector within the Empire and within the Northern War), Britain resolutely turns to... France ! Again, the answer is power, power and nothing but power. The 1716 Alliance of Hannover between George I and the French Regent Philip of Orléans aimed to consolidate both the British and the French Succession order imposed by the Treaty of Utrecht. The Spanish Bourbon-king Philip V should never take over France, nor should the Pretender take over Britain.


Now, why on earth did the Whigs from the pro-Marlborough Kit Cat Club continue to expand the Utrecht settlement, which they severely attacked on the internal plan ? Tory-leader Harley had been sentenced by the House of Commons and jailed in the Tower ! His colleague Bollingbroke had to flee to France to be in security ! Again, the divide between internal and external politics brings the answer. France guaranteeing the Protestant Succession implied for the Whigs the consolidation of the constitutional settlement of 1688. This all the more easy since George I, the new monarch, hardly spoke English nor knew the country. Politicians like James Stanhope or Robert Walpole had far more experience in office. The king meddled in Foreign Policy (a traditional Crown Privilege), instrumentalising British means for Hannoverian goals, but kept himself away from internal politics, where Walpole could have all the fun he wanted by manipulation elections, bribing members of parliament or abolishing taxes (no longer needed, because of the peace !).

When Bollingbroke came back to Britain, he started an active opposition press against the Whig-ministry, which could only be toppled in 1742, when Britain was pushed to join Austria in the War of the Austrian Succession against France and to revert to the "old" system.

If British foreign policy did not change between the Tory-ministry Harley/Bollingbroke (1710) and the Whig-cabinets Santhope/Walpole (exit 1742), why then needlessly extrapolate internal political debates during the War of the Spanish Succession, without taking into account the power-factor, or what the rest of Europe, and the main continental partner, France, did or already had done at that time ?