zondag, september 30, 2007

Un après-midi tranquille sur l'herbe

Het was vandaag aangenaam, zonnig weer in Parijs. Ideaal om met het boek van Chaline een paar uur op het gazon te liggen en een duik te nemen in het zwembad.













Ségo: interview de la rentrée

Ze heeft nogal wat over zich gekregen de laatste tijd (Claude Allègre, Lionel Jospin). Time to bite back.





Over de privatisering van oorlog, en andere Ancien Régime-figuren

Hired gun fetish
By Paul Krugman
Friday, September 28, 2007

Sometimes it seems that the only way to make sense of the Bush administration is to imagine that it's a vast experiment concocted by mad political scientists who want to see what happens if a nation systematically ignores everything we've learned over the past few centuries about how to make a modern government work.

Tax farming, for example - giving individuals the right to collect taxes, in return for a share of the take - went out with the French Revolution; now the tax farmers are back. And so are mercenaries, whom Machiavelli described as "useless and dangerous" more than four centuries ago.

As far as I can tell, America has never fought a war in which mercenaries made up a large part of the armed force. But in Iraq, they are so central to the effort that, as Peter W. Singer of the Brookings Institution points out in a new report, "the private military industry has suffered more losses in Iraq than the rest of the coalition of allied nations combined."

And, yes, the so-called private security contractors are mercenaries. They're heavily armed. They carry out military missions, but they're private employees who don't answer to military discipline. On the other hand, they don't seem to be accountable to Iraqi or U.S. law, either. And they behave accordingly.

We may never know what really happened in a crowded Baghdad square two weeks ago. Employees of Blackwater USA claim that they were attacked by gunmen. Iraqi police and witnesses say that the contractors began firing randomly at a car that didn't get out of their way. What we do know is that more than 20 civilians were killed, including the couple and child in the car.

And the Iraqi version of events is entirely consistent with many other documented incidents involving security contractors. For example, Singer reminds us that in 2005 "armed contractors from the Zapata firm were detained by U.S. forces, who claimed they saw the private soldiers indiscriminately firing not only at Iraqi civilians, but also U.S. Marines." The contractors were not charged.

In 2006, employees of Aegis, another security firm, posted a "trophy video" on the Internet that showed them shooting civilians. Employees of Triple Canopy, yet another contractor, were fired after alleging that a supervisor engaged in "joy-ride shooting" of Iraqi civilians.

Yet even among the contractors, Blackwater has the worst reputation. On Christmas Eve 2006, a drunken Blackwater employee reportedly shot and killed a guard of the Iraqi vice president (the employee was flown out of the country, and has not been charged.) In May 2007, Blackwater employees reportedly shot an employee of Iraq's Interior Ministry, leading to an armed standoff between the firm and Iraqi police.

Iraqis aren't the only victims of this behavior. Of the nearly 4,000 American service members who have died in Iraq, scores if not hundreds would surely still be alive if it weren't for the hatred such incidents engender.

Which raises the question, why are Blackwater and other mercenary outfits still playing such a big role in Iraq? Don't tell me that they are irreplaceable. The Iraq war has now gone on for four and a half years - longer than American participation in World War II. There has been plenty of time for the Bush administration to find a way to do without mercenaries, if it wanted to.

And the danger out-of-control military contractors pose to American forces has been obvious at least since March 2004, when four armed Blackwater employees blundered into Fallujah in the middle of a delicate military operation, getting themselves killed and precipitating a crisis.

Yet Blackwater is still there. In fact, last year the State Department gave Blackwater the lead role in diplomatic security in Iraq.

Singer argues that reliance on private military contractors has let the administration avoid making hard political choices, such as admitting that it didn't send enough troops in the first place. Contractors, he writes, "offered the potential backstop of additional forces, but with no one having to lose any political capital." That's undoubtedly part of the story.

But it's also worth noting that the Bush administration has tried to privatize every aspect of the U.S. government it can, using taxpayers' money to give lucrative contracts to its friends - people like Erik Prince, the owner of Blackwater, who has strong Republican connections.

You might think that national security would take precedence over the fetish for privatization - but remember, President Bush tried to keep airport security in private hands, even after 9/11.

So the privatization of war - no matter how badly it works - is just part of the pattern.

(bron: iht.com)

zaterdag, september 29, 2007

Youtube

Nog wat filmpjes die op mijn harde schijf stonden te wachten. Telkens stukjes uit Parijs.









De verkenner is bijna klaar

Dacht u dat ik in Parijs geen Belgische kranten meer zou lezen? Ik volg nog steeds met plezier de formatie-farce. Het zou nu aan Leterme moeten zijn om opnieuw af te gaan als een gieter. Fingers crossed.

Wat is kunst?

Een leuke namiddag met "entartete Kunst" doorgebracht in het Musée d'Art moderne de la Ville de Paris. Echt een aanrader (twee sterren in de Michelin, maar goed weggestopt).





































donderdag, september 27, 2007

Een Parijse tussenstand

De lezer van deze blog vraagt zich misschien af, wat al die toeristische foto's uit Lutetia betekenen. En of die stad nu echt de moeite is om er langer dan een week te verblijven. Welnu, uw dienaar brengt er een Erasmusjaar door, vandaar. Nu de Licentiaat/Master in de Rechten en de Bachelor in de Geschiedenis achter hem liggen, heeft hij met beide handen de kans gegrepen om de Master in de Geschiedenis door te brengen aan een van de oudste kennistempels van het Europese continent: de universiteit die Robert de Sorbon in de dertiende eeuw oprichtte in het huidge 5de arrondissement (of Quartier Latin).

Het is de bedoeling dat ik hier mijn masterproef schrijf (30 ECTS) en de resterende studiepunten besteed aan het ronduit indrukwekkende vakkenaanbod van Paris IV en de andere Parijse instellingen (in principe kan ik vakken uit de Ecolé Pratique des Hautes Etudes, van de rechtenfaculteit in Paris II of andere instellingen inbrengen, zo wist de plaatselijke Erasmuscoördinator te vertellen). Proffen zijn internationaal gevestigde namen (Lucien Bély, Olivier Chaline). Laat ons eerlijk zijn, de 12 vakken die alleen al in Paris IV rond (politiek-culturele geschiedenis van) de late 17de en vroege 18de eeuw worden aangeboden, kan je in Gent (alleen al materieel) niet volgen.



Ook qua bibliotheken, archieven en boekenwinkels is het hier een echt paradijs. Hoewel sommigen (vooral de archieven) bijzonder lastig doen (stukken 15 dagen op voorhand aanvragen, vier weken wachten voor je weet of je binnenmag etc.), vind je ongeveer alles wat wereldwijd verschijnt over je interessegebied. Bovendien zitten de meeste bibliotheken nog in een prachtig historisch kader. De (eerder generalistische) bibliotheek van de Cité Universitaire (een geschenk van Rockefeller), zit bijvoorbeeld al mooier dan de meest aantrekkelijke van de leeszalen in de Gentse rechtenfaculteit (i.e. de zaal Fredericq met de internationale tijdschriften). De meeste auditoria (cf. eerdere fotopost) zitten nog gebeiteld in 17de eeuwse vormen.



Hoewel Parijs natuurlijk een wereldstad is (in de extented city wonen ongeveer evenveel mensen als in heel België), is ze toch nog beheersbaar (i.e. geen te grote, anonieme, gebouwen of publieke ruimtes). Metro of RER brengen je op 5 minuten waar je moet zijn en oriënteren kan je vrij makkelijk op de voornaamste monumenten (Louvre, Champs Elysées, Madeleine, Sorbonne, Invalides, Notre Dame...). Om een idee te geven over de omvang van het openbaar vervoersnetwerk: als ik moet overstappen in het metrostation Châtelet (het grootste van Europa), heb ik vijf minuten te voet te doen (dan nog via rolbanden, zoals op de terminals in Zaventem) om van de RER naar een binnensteedse metrolijn te raken. De veel geprezen Velibs heb ik nog niet gebruikt. Deels omdat ik nog geen functionerende visa-kaart heb, maar ook omdat fietsen hier niet even aangenaam lijkt als in Gent (kruispunten van twee of meer boulevards = af te raden).



Je vindt hier alles en overal tegelijk (e.g. bioscopen, zwembaden, winkels; elk arrondissement heeft zijn eigen faciliteiten). Eten en drinken kan je goedkoop in de universitaire resto's (ongeveer hetzelfde als De Brug; met inbegrip van het personeel ;)). Dat is echt wel nodig, aangezien al de rest... nogal duur uitvalt. Een pint in de Culture Club is nog steeds € 2 goedkoper dan hier. Een koffie drinken in de tuin van het Palais-Royal... € 5. Het kan natuurlijk helpen als je het geluk hebt om getrakteerd te worden door gefortuneerde Franse kennissen, maar het beste is in het andere geval om gewoon niet te veel te denken aan de prijs en te genieten van een goed glas wijn of een macaron. Sartre heeft zijn inspiratie toch ook ergens uit moeten halen :).



Het is trouwens onmogelijk om Parijs helemaal te ontdekken. Ik probeer het in kleine schijfjes te doen, als ik wat tijd vrij heb. Het Louvre, de Champs Elysées, het Elysée, de Senaat, het Palais Bourbon, het Palais (en natuurlijk de tuin, gezien vlakbij de Sorbonne en leuk om zitten) du Luxembourg, Palais-Royal, l'Odéon, Les Invalides en de Notre Dame zijn al terug de revue gepasseerd. Staan nog op het lijstje: Hôtel de Cluny (nationaal museum voor de middeleeuwen), Institut de France (moet volgens de Michelin een "echt" paleis zijn), Beaubourg (maar nog niet direct, heb het Centre Pompidou nooit erg gemogen; zoek nog aangepaste gids of gezelschap om mij een aantal dingen "uit te leggen"), Montmartre (ook niet veel zin om dat direct te doen, net als de Eiffeltoren), Opéra Garnier en de Sainte-Chapelle (mijn favoriete Franse kerk, ook al dreig ik beschuldigd te worden Violet-le-duc-sympathieën en 19de eeuwse atavistische trekjes te koesteren). Bioscopen zijn even duur als bij ons (tenzij n.a.v. acties, zoals deze week, waarbij het tweede ticket maar € 1 kost, wat me in de gelegenheid stelde om "Sicko" van Michael Moore, met een zeer rumoerig Parijs publiek, of "99 francs" van Jan Kounen te zien). Theatervoorstellingen en opera's zijn hier soms volledig gratis voor studenten.



De hele wereld loopt overigens rond in Parijs. Voor de Cité is dat natuurlijk vrij letterlijk (5 300 studenten van een 30-tal verschillende nationaliteiten), maar ook voor de stad zelf. Je kan hier op café babbelen met Russen, Puerto Ricanen, Duitsers, Zwitsers. Of met studenten van andere Franse universiteiten of écoles supérieures (die selectiever zijn bij de "intake" van studenten dan de gewone universiteiten, die niemand mogen weigeren). Kunnen verdwijnen in de stad, om later met de metro op te duiken aan de compleet andere kant, is trouwens geweldig. Net als het idee dat je in elke grote straat op zeker zes verschillende plaatsen een stokbrood en Le Monde of Libération kan kopen.

Uiteraard zijn er nog een aantal verplichtingen op het thuisfront die lopen. Van mijn mandaat als studentenvertegenwoordiger heb ik afscheid genomen bij het afstuderen in de rechten, van de animo StuGent-verplichtingen bij de bestuursverkiezingen rond de paasvakantie. Blijft natuurlijk het mandaat in de OCMW-raad, dat ik van plan ben verder te vervullen. Mits een autorit van Rijsel naar Zingem, duurt het immers maar een uur om per TGV van de Gare du Nord naar Lille Flandres te raken.

Red de solidariteit



Tekenen. Goed dat deze boodschap ook een sociaal-economische connotatie heeft.

maandag, september 24, 2007

Louvre

Er bestaan zo van die formules, waarmee je voor € 15 een jaar onbeperkt binnenmag. En mensen gratis mag meenemen op de avondopeningen. Enjoy.





























woensdag, september 19, 2007

Recht in de roos

Yves Desmet in De Morgen vandaag:

Synoptisch

De bevoegde Kamercommissie had gisteren de gelegenheid onmiddellijk te beginnen aan een oplossing voor de zaak Brussel-Halle-Vilvoorde. Een oplossing die, zo leerden we destijds van de tenoren van de christendemocratie en het Vlaamsnationalisme, 'hooguit vijf minuten politieke moed vergt' om 'onverwijld' uitgevoerd te worden. Maar tot verbazing van velen is die haast plots niet zo heel groot meer.

Commissievoorzitter Pieter De Crem gaf de leden een weekje de tijd om hun geheugen op te frissen en nog eens na te kijken welke voorstellen eigenlijk allemaal waren ingediend. Een bijzonder nuttig instrument daarbij vond hij de zogenaamde 'synoptische tabel', een overzichtje van zowat alles wat in het parlement ooit al over B-H-V is voorgesteld. "Volgende week kunnen we dan beginnen met een overhoring", besloot de man uit Aalter, schalks als steeds.

Geschiedenis is natuurlijk vergankelijk, maar net niet genoeg om dit staaltje van grensverleggende hypocrisie te kunnen toedekken. De 'synoptische tabel' werd immers geboren op een vergadering van diezelfde commissie op 26 januari 2005. De paarse regering probeerde toen een compromis uit te werken voor B-H-V en werd onder druk gezet door de oppositie, die de zaken in het parlement wou forceren, onverwijld en in vijf minuten.

VLD'er Willy Courtois werd uitgestuurd om de boel daar te vertragen en pakte uit met zijn 'synoptische tabel', een voorstel om alle voorstellen te bundelen, maar vooral, een strategie om tijd te winnen. De oppositie was daar razend over en de bevoegde fractieleider haalde striemend uit: "Er zijn twee soorten politici: zij die hun woord over B-H-V houden en zij die dat niet doen." De man die deze vernietigende analyse maakte, luisterde naar de naam Pieter De Crem.

Er zijn dus politici die zelf uit twee soorten politici bestaan: zij die een voorstel kunnen verketteren en identiek hetzelfde voorstel twee jaar later als schitterende ingeving presenteren. Een oud-CVP-woordvoerder zei ooit dat je een goede christendemocraat herkent aan zijn vermogen om zoveel mogelijk de woorden 'enerzijds, anderzijds, maar ook net het omgekeerde' in één betoog te laten vallen. Pieter De Crem gaat een groot christendemocratisch politicus worden.

Yves Desmet
politiek- hoofdredacteur

Sorbonne