dinsdag, april 28, 2009

Les podcasts du Collège de France

Créé par François Ier au XVIe siècle. But: diffuser les savoirs, en créant des cours accessibles au grand public, donnés par les plus éminents académiques (comme par ex. Michel Foucault). Nouveauté: les émissions podcast, afin d'éviter le déplacement à la rue Saint-Jacques.


zaterdag, april 25, 2009

"Afrit Europa, uitrit crisis"

Opnieuw een stuk waar ik het volledig mee eens ben
Afrit Europa, uitrit crisis (demorgen.be)
Paul Goossens is Europajournalist en voormalig hoofdredacteur van deze krant. Om de twee weken schrijft hij een bijdrage voor 'De Gedachte'.

Met een debat in de Gentse Vooruit hebben de voorzitters van CD&V, Groen!, LDD, N-VA, Vlaams Belang, Open Vld en sp.a deze week het verkiezingsseizoen op gang getrapt. N-VA heeft alvast stelling genomen met de slogan 'afrit Vlaanderen, uitrit crisis'. Paul Goossens noemt het een grap waar 'een werkmens die voor zijn job vreest moeilijk mee kan lachen'.

Als er een prijs voor de domste verkiezingsslogan zou bestaan, heeft N-VA ongetwijfeld uitzicht op een schitterende score. Ondanks de scherpe concurrentie mag ze zelfs de oppergaai claimen, want 'afrit Vlaanderen, uitrit crisis' is als ridicule verkiezingskreet nauwelijks te overtreffen. Het is moeilijk voor te stellen dat de militanten van de minipartij met die vier woorden naar de fabriekspoorten zouden trekken. Leg het maar eens uit aan de werknemers van Philips, Bosch, Opel Antwerpen en al die andere, internationale bedrijven waar het afdankingen regent, dat het separatisme een punt achter de economische ellende zal zetten en dat onafhankelijk Vlaanderen de klus wel kan klaren. Dat zijn grapjes waar een werkmens die voor zijn job vreest moeilijk mee kan lachen. Het zal de slimme mens die Bart De Wever heet te zijn een zorg wezen. Tenslotte viseert hij andere doelgroepen dan het werkvolk en gaat hij ervan uit dat hij die wel van de onzin van zijn fabeltjescampagne kan overtuigen. De geobsedeerden van de Vlaamse zaak, de vendelzwaaiers en de blauwvoeters zullen hem in deze ongetwijfeld volgen. Desgevallend tot in de afgrond.

Misschien komen de verkiezingen van 7 juni nog te vroeg. De tijdbom die Wall Street en onze nationale bankiers vorig jaar onder de reële economie plaatsten, is nog niet volledig uitgeknald. De recente prognoses van het Internationaal Muntfonds maken alvast duidelijk dat de ravage van deze crisis pas over enkele maanden kan worden opgemeten. Hoewel er op de beurs al opnieuw gefeest wordt, moet het ergste nog komen. De werkloosheid zal fors blijven toenemen, zo ook de faillissementen en bedrijfssluitingen. Voor de onderkant van de samenleving zijn er vervelende en moeilijke tijden op komst. In de Verenigde Staten, in Europa, dus ook in België, ongeacht de staatsstructuur. En toch beviel De Wever van de slogan 'afrit Vlaanderen, uitrit crisis'. Bij deze kreeg de vraag hoe blind een separatist wel kan zijn een definitief antwoord. Stekeblind.

Overigens heeft het Vlaams-nationalisme zich nooit met gedegen economische of originele sociale inzichten laten opmerken. Ze hebben andere specialisaties: het fatsoen, B-H-V, taalgrenzen, Vlaamse identiteit.

Ongelijk neoliberalisme
Voor N-VA is het separatisme het antwoord op alle problemen, de Vlaamse, de Belgische en de globale. Alsof deze crisis geen compleet nieuwe antwoorden vereist, want de recepten van de laatste kwarteeuw faalden compleet. Deze tijden roepen herinneringen op aan de depressie van de sombere jaren dertig, maar er is wel een opmerkelijk verschil. Deze keer is het voor iedereen, behalve de bankiers en beheerders van hefboomfondsen, overduidelijk waarom het hele kaartenhuisje in elkaar klapte. Wegens te veel vrijheid van het financieel systeem, te weinig regulering, te groot geloof in de markten. Dat weten ze nu in het Witte Huis, in de kroeg, het Elysée en de Wetstraat 16, zo ook bij Opel Antwerpen. Alleen op 'De Barricade', het hoofdkwartier van N-VA, is het licht nog niet doorgedrongen, alsof het zingen van de Vlaamse Leeuw het denken verhindert. Er zijn nieuwe antwoorden vereist en dat verklaart de koudwatervrees van nogal wat partijen en politieke families. In tegenstelling tot wat dertig jaar lang in verkiezingen getoeterd werd, is er niet minder maar meer overheid nodig. Het financieel systeem moet aan de ketting, omdat het anders de hele planeet ontwricht.

Deze crisis bewijst niet zozeer het gelijk van links of de sociaaldemocratie, wel het groot ongelijk van het neoliberalisme en de pleidooien voor een minimale staat en een maximale markt. Dat waren de mantra's waar het Westen de laatste decennia mee geregeerd werd en waarop het financiële walhalla werd neergezet. Toen de vorige maanden een fatale crash dreigde, moest honderden miljarden overheidsgeld worden ingezet. Er dringt zich bijgevolg een politieke u-turn op. Het liberalisme zal veel tonen lager moeten zingen en toegeven dat ze de woorden van hun profeet Adam Smith fout geïnterpreteerd hebben. Zoiets overkomt profeten wel vaker. Het is hun droeve lot om door hun volgelingen misbegrepen te worden.

Fouten uit verleden
Ook in naam van Adam Smith werden stellingen ingenomen, belangen verdedigd en politiek bedreven die niet zelden een aanfluiting van zijn gedachtegoed waren. Het vertrouwen van de uitvinder van de onzichtbare hand in het onzichtbare was immers alles behalve compleet. Hij wantrouwde in hoge mate de 'prodigals and the projectors' (de verspillers en de avonturiers) en drong erop aan dat de staat de burger voor deze lui zou beschermen. Het is een belangrijke zinnetje in The Wealth of Nations, maar opmerkelijk genoeg hebben de marktfundamentalisten er altijd over gelezen.

Na de verkiezingen van 7 juni zal de federale regering klaarheid over de crisisfactuur brengen. Dan zal ook duidelijk worden dat er drastisch bespaard moet worden om het begrotingstekort opnieuw binnen aanvaardbare perken te krijgen. Het wordt een pijnlijke operatie en ook om die reden werden de ingrepen over de verkiezingen getild. Voor de belastingbetaler dreigt het een ontnuchterend moment te worden. De miljarden die de banken werden toegeschoven, zo zal dan blijken, komen niet uit de hemel, wel uit zijn portemonnee. Het minste wat de hardwerkende Vlaming dan mag vragen, is dat de fouten uit het verleden niet meer worden herhaald. De banken moeten dus onder curatele, het absolutisme van het marktmechanisme moet worden teruggedraaid, maar evengoed moet het idee van een Vlaamse stand alone definitief in het museum van de politieke waanbeelden worden bijgezet. Er is slechts één afrit die een beetje uitzicht op een efficiënte crisisaanpak geeft: Europa.

Huyse (2)

Om zijn woorden kracht bij te zetten: het percentage opvolgers in de Vlaams Parlementsfracties op het einde van de legislatuur:

sp.a
11/22 (= 50%)

openVLD
11/25 (= 40%)

CD&V
8/28 (= 28%)

groen!
1/6 (Bart Caron < Spirit)

N-VA
1/6 (Piet De Bruyn)

LDD
2/3 (Verstrepen < VB, Gino De Craemer < N-VA)

VB
8/29 (27%)

Totaal (+ 1 onafhankelijke, John Vrancken, ex-LDD en ex-VB + 1 Christian Van Eyken van de UF)

42/124 (33,8%)

De opvolgers vormen samen veruit de grootste fractie van het parlement...

Leve Luc Huyse

Een van Belgiës meest interessante intellectuelen. Mooi stuk in De Standaard vandaag


NAAR EEN MEER REALISTISCHE VISIE OP POLITIEK — In de aanloop naar de Vlaamse en Europese verkiezingen van 7 juni zal weer geregeld gesproken worden over kiezersbedrog. Luc Huyse zet enkele varianten op een rijtje. 'De burger die De Wevers afrit (richting pechstrook?) neemt, wordt op een flagrante manier bedrogen.'
Deze krant heeft al langer van de strijd tegen het kiezersbedrog een punt van eer gemaakt. Want de democratie is geen speeltje, liet de hoofdredacteur enige tijd geleden weten. Het past volgens hem niet dat politici op meer dan één lijst staan en de kiezer niet vertellen welk mandaat zij zullen opnemen. Zoals het ook niet kan dat zij tijdens de rit voortdurend van zitje veranderen. Peter Vandermeersch beschreef onlangs zo'n merkwaardige slingergang: 'In 2003 verkozen als federaal volksvertegenwoordiger, kandideerde Leterme in 2004 op de CD&V/N-VA-lijst voor de Vlaamse verkiezingen. Het vierjarige mandaat dat hij van de kiezer gekregen had, heeft hij toen dus maar voor een vierde 'ten volle ingevuld'. In mei 2007, halverwege zijn Vlaams mandaat, hield hij het alweer voor bekeken en maakte hij bekend dat hij de senaatslijst zou trekken bij de federale verkiezingen van een maand later.' (Ondertussen is bekend dat diezelfde senator op 7 juni kandideert voor een plaats in het Vlaams parlement.) De krant is boos, erg boos. Vandermeersch: 'Ook nu weer zullen we oproepen om niet te stemmen voor mensen die op verschillende lijsten staan en op federale parlementsleden die na twee jaar hun federaal mandaat blijkbaar willen verzaken en op Vlaamse en Europese lijsten willen staan.'

Die ergernis is terecht. Maar, wat brengt toppolitici ertoe zo te zigzaggen? En is dat de enige gedaante waarin kiezersbedrog verschijnt?

Recente kieshervormingen hebben het gewicht van de voorkeurstem sterk verhoogd. Dat komt omdat de overdracht van lijststemmen naar de individuele kandidaten aan banden is gelegd. Vroeger kon wie op een zogeheten verkiesbare plaats stond zijn of haar stemmen aandikken met grote brokken uit de pot van de kopstemmen en zo verkozen worden. Voor alle anderen kwam de drempel dan wel heel hoog te liggen. Tussen 1919 en 1999 is bij de verkiezingen voor de Kamer aan 5.019 mannen en vrouwen een mandaat gegeven. Slechts 30 daarvan (of 0,6 procent) waren erin geslaagd dankzij hun voorkeurstemmen de volgorde te doorbreken. (Ik pluk deze en volgende cijfers uit een boeiend artikel van Bram Wauters en Karolien Weekers dat in het jaarboek 2007 van Res Publica is verschenen.) Sinds 2003 is nog slechts 50 procent van de lijststemmen overdraagbaar. Het effect daarvan is spectaculair. Bij de federale verkiezingen van 2007 zijn 150 Kamerleden verkozen. Zeventien, van wie vijftien lijstduwers, hebben de rangorde doorbroken. Dat is iets meer dan 11 procent. Enkele namen? Kris Peeters, Patrick Janssens, Herman De Croo, Charles Piqué ... Lokvogels dus. Van die zeventien succesvolle hinkstapspringers hebben er tien hun mandaat niet opgenomen. Zij zijn meteen vervangen door de eerste opvolger. Zo ontstaat het kiezersbedrog dat deze krant niet lust.

De promotie van de voorkeurstem, ingevoerd door de eerste regering Verhofstadt, is aangekondigd als een cadeau aan de kiezers. De macht van de partijbonzen, die altijd al beslisten wie vooraan mocht staan, zou nu aangetast worden. Het is anders gelopen. De nieuwe vrijheid van de kiezer is grotendeels schijn. De rangorde, door de partijen opgesteld, bepaalt nog in 90 procent van de gevallen wie een zitje verwerft. En van de rest gaat meer dan de helft naar de onbekende man of vrouw die door de partijleiding, jawel, als eerste opvolger is aangeduid.

Het lokken van kiezers met kandidaten die hoog scoren op een of andere hitlijst is al langer bezig. De opwaardering van de voorkeurstem heeft die trend een stevige push gegeven. Maar ook de media werken die ontwikkeling in de hand. Het hele jaar door laten zij heel veel licht op de persoon van de politicus vallen. In periodes met verkiezingskoorts neemt die fixatie nog toe. Het is te merken aan de ruimte in de krant en aan de zendtijd op radio en televisie. Een maand geleden was, bij de VRT, Jean-Marie Dedecker in één week tijd te zien en te horen op het nieuws, in Terzake, in De keien van de Wetstraat, in De Zevende Dag en in Phara. ('Laat ons nog eens een Dedecker of een Dewinter doen', is een uitdrukking die naar het schijnt in de redactielokalen daar circuleert.) Soms zit het ook in het taalgebruik. Men maakt van de kiesstrijd een kamp tussen twee of drie toppolitici. Er is dan sprake van een clash der titanen of van kanseliersverkiezingen. De Standaard gebruikte die lawaaiwoorden tienmaal in 2003, achtmaal in 2004 en elfmaal in 2007. Men gaat er blijkbaar van uit dat dit lezers, luisteraars en kijkers aantrekt. Een politieke partij zou gek zijn als zij van die media-aandacht voor sommige van haar renpaarden geen gebruik zou maken. Dus worden zij voor twee of meer gelijktijdige verkiezingen ingezet. Kiezersbedrog heeft bijgevolg meerdere vaders.

Het lijkt me trouwens nuttig om nog andere varianten van kiezersbedrog in het debat op te nemen. Ik zie er minstens twee. Partijen, gejaagd door de campagnewind, laten zich gemakkelijk verleiden om gulle beloften te doen. Er zijn de gebruikelijke slogans. Geen nieuwe belastingen! Of: Verhoging van de sociale uitkeringen! Het zijn programmapunten die, zelfs bij regeringsdeelname, nog voldoende ruimte laten iets daarvan te realiseren. Dat is geen kiezersbedrog. Anders is het als een campagne-eed absoluut niet te honoreren is. Als de CD&V in de aanloop naar de federale verkiezingen van 2007 beweert met vijf minuten politieke moed BHV te zullen splitsen, is dat een volkomen loze belofte. En dat wist die partij. Het kan nog straffer. Op affiches van de N-VA zegt verkeersdeskundige Bart De Wever: 'afrit Vlaanderen' staat gelijk aan 'exit crisis'. Of, in een onafhankelijk Vlaanderen zullen alle economische problemen verdampen, ook deze die een mondiale oorsprong hebben - en dat zijn ze zowat allemaal. De burger die daarom De Wevers afrit (richting pechstrook?) neemt, wordt op een flagrante manier bedrogen.

Nog even terug naar de media en hun bijdrage in de misleiding van de kiezer. Tussen 1980 en vandaag is het electorale nieuws in de kranten, op de radio en op televisie in omvang bijna vervijfvoudigd. Er moet voor al die opwinding een ernstige reden zijn, anders valt dat toch niet te begrijpen. Die verklaring kan alleen luiden dat verkiezingen in vergelijking met vroeger een veel belangrijkere rol zijn gaan spelen in de politieke besluitvorming. Maar de realiteit spreekt dat tegen. Een jaar geleden schreef ik in deze krant: 'We zitten dus met een probleem. Hoe minder kracht en betekenis verkiezingen hebben, hoe meer media-aandacht zij krijgen.' Er is overbelichting van het electoraal gebeuren en dat heeft zo zijn gevolgen. Als kranten, radio en televisie hopen papier en zendtijd aan die zevende juni spenderen moet bij velen toch de indruk ontstaan dat het die dag gaat om de enige, de echte machthebbers in de politiek. Is dat dan geen kiezersbedrog? Dat de deur opent voor goedkoop populisme?

Wat nu? Zolang de ideologische profilering van de partijen is wat zij is, zwak dus, zal binnen en buiten de politiek de fixatie op de populaire politici blijven. Het minste wat althans de media kunnen doen, is veel duidelijker aangeven waarvoor de goudhaantjes van elke partij staan. Waarin verschillen zij? Met betrekking tot de toekomst van België, van Europa, van de verzorgingsstaat. Wat denken zij over de klimaatproblemen? Over de armoede in het Zuiden? Nu gaat het nog vooral om wie ze zijn, niet over wat zij denken en willen doen. Ook zou men in de berichtgeving over verkiezingen het huidige kikvorsperspectief kunnen ruilen voor het vogelperspectief. Dan zal al gauw blijken dat, gegeven de verhuis van politieke bevoegdheden naar het transnationale niveau, het beter is om te spreken en te schrijven over een clash van de titaantjes en over de keitjes van de Wetstraat. Die relativiteitstheorie kan heilzaam zijn. Een deel van het wantrouwen dat velen ten aanzien van de politiek koesteren, is op een vervelend misverstand tot groei gekomen. De kiezers verwachten nog altijd van de beroepspolitici dat ze alle problemen, grote en kleine, moeten aankunnen. Maar in vele dossiers hebben zij die slagkracht niet of niet meer. Dat veroorzaakt voortdurend kortsluiting tussen burger en politicus. Het is een probleem dat in negatieve energie nog zal toenemen. Tenzij wij er in slagen om geleidelijk een meer realistische visie op de politiek in de bevolking te verankeren en de aandacht te verleggen naar waar de macht meer en meer gehuisvest wordt.

donderdag, april 23, 2009

Delors, Delanoë et Rocard !

Quelle chance exceptionnelle aujourd'hui... J'ai pu assister à la conférence sur l'Union européenne organisée par la section parisienne du Partido Democratico, au théâtre de l'Odéon, qui affichait l'ancien président (légendaire) de la commission européenne Jacques Delors, le maire de Paris Bertrand Delanoë et l'ancien Premier ministre de Mitterrand, Michel Rocard.



Un petit mot de courtoisie du Maire de Paris à l'occasion de la visite des Italiens (une assez grande délégation de jeunes): Bertrand Delanoë s'est félicité de leur venue, a déploré l'élection d'un quasi-fasciste à la Mairie de Rome (la seule ville jumelée avec Paris) en remplacement de son "ami" Veltroni et est resté pour la première partie du discours de Delors.





L'euro protège, mais ne dynamise pas
Surtout l'intervention de Jacques Delors (bien qu'interrompue de temps en temps par une interprète qui traduisait tout en italien pour les invités, qui n'avaient pourtant pas l'air de ne pas comprendre le français) était remarquable. Dans un exposé très clair et concis, il a tracé l'histoire de l'intégration monétaire et économique.



Du plan-Werner (Premier ministre luxembourgeois, qui proposait une monnaie unique dans les années '70), en passant par les initiatives de Giscard d'Estaing (pour lequel Delors n'a pas caché son approbation) et Helmut Schmidt, l'architecte de l'acte unique européen a abordé le marché interne et l'euro, tels qu'ils les concevait.

Il reconnait un échec lors du traité de Maastricht: l'impossibilité d'insérer une vraie coordination des politiques économiques. Ce qui nous a couté 0,5% de PNB par an en croissance. Idem lors de l'élaboration du pacte de stabilité: ce document ne prévoit que dans le titre de soigner la "croissance". Il regrettait que le gouvernement français (Balladur, si je ne me trompe) de l'époque n'ait pas tapé plus fort sur le clou.



Dans l'Union actuelle, Delors posait la nécessité de procéder à une intégration dans un cercle restreint, les tentatives d'approfondissement étant paralysées par le droit de véto national. Droit de véto, qui donne lieu a des pratiques ignobles de dumping fiscal: les entreprises ont la liberté d'aller payer leurs impôts ailleurs (Estonie), ce qui nuit gravement aux revenus des États qui ont une politique sociale (France, Belgique, Allemagne...). Pourquoi être solidaire avec des États pauvres, s'ils pratiquent des politiques fiscales parasitaires ?



En ce qui concerne la campagne 2009, Delors mettait surtout en garde contre la tendance à l'intergouvernementalisme, telle qu'il la voit chez Sarkozy et l'UMP. Dire que "si l'Europe veut, elle peut" est une négation du rôle des institutions communautaires. La Commission européenne n'est pas dangereuse, tout ce qu'elle peut, c'est proposer. Mais il faut bien qu'on lui laisse l'opportunité de le faire... Dans ce petit extrait, Delors revient aux trois principes de l'Acte unique: concurrence, coopération, solidarité. Le premier point étant réalisé (bien que la surveillance des pratiques d'abus de pouvoir des entreprises reste une préoccupation constante), le deuxième à peine et le troisième pas du tout. Il reste du pain sur la planche.



Le rapport entre questions financières et ce dernier aspect était traité par Michel Rocard, qui a mis en perspective les circonstances économiques des premières décennies de l'intégration européenne ("les trente glorieures"), scandées par les trois Keynes, Ford et Bretton Woods, pour ensuite faire le contraste avec les revenus croissants des actionnaires et la précarisation du travail depuis le deuxième choc pétrolier et le décrochage du dollar et de l'or. Pour $ 1 commercial, $ 1 financier était en place dans les années '60. En 2008, on était à $ 60 financiers pour $ 1 commercial. Le moment où les autres partis découvrent que les socio-democrates (terme de Rocard) avaient raisons depuis 60 ans... Les conservateurs sont bel et bien à droite.




zaterdag, april 18, 2009

Europese verkiezingen (2)

De opmerking over de voorkeurstemmen van Happart in 1984 in De Standaard van vandaag (234.996) vormt de gelegenheid om eens terug te kijken op het type politici en de "bizarre" uitslagen van de Europese verkiezingen in België. De rechtstreekse verkiezing van de Europese parlementsleden is lang een heet hangijzer geweest in de EEG. Tussen de start van de gemeenschappen en 1979 zetelde een "parlementaire vergadering", met figuren uit het nationale parlement van elke lidstaat. Frankrijk stuurde bijvoorbeeld disproportioneel veel UNR-parlementsleden (gaullistische partij) en geen enkele communist.

Veel democratische legitimiteit ging er niet van uit. Vandaar ook het verzet van de Gaulle tegen budgettaire bevoegdheden voor de assemblée, die hij er er min of meer van verdacht onder een hoedje te spelen met de "technocratische aeropaag" van de Commissie. Pas wanneer Valéry Giscard d'Estaing en Helmut Schmidt het dossier vooruitduwen, komt er een consensus over "Europese" verkiezingen. Het ideale zou natuurlijk zijn dat voor de hele Gemeenschap/Unie dezelfde lijsten worden neergelegd. Het Europees parlement moet immers de burgers van de Unie vertegenwoordigen, niet de lidstaten apart (dat was ook een van de redenen waarom de Gaulle bijvoorbeeld een Europees referendum wél genegen was en het aanzag als een van de enige manieren om de democratische legitimiteit van soevereine natiestaten te overstijgen).



Het compromis dat de Raad in 1976 bereikt, gaat uit van de rechtstreekse verkiezing, maar per lidstaat. Elke lidstaat is zo vrij om het kiesstelsel te bepalen. In Frankrijk komt er 1 kiesomschrijving voor het hele grondgebied (na een bijzonder vreemde beslissing van de Conseil constitutionnel, als zou de eenheid van het nationale grondgebied eraan in de weg staan dat er regionale kiesomschrijvingen worden ingevoerd voor de Europese verkiezingen), in België komen er grote kiescolleges per gemeenschap. In 1979 verlopen de kamerverkiezingen nog via de "oude" arrondissementen, met provinciale apparentering (Aalst, Oudenaarde, Mechelen... pas in 1991 worden die samengevoegd tot Aalst-Oudenaarde, Mechelen-Turnhout, Veurne-Ieper-Diksmuide-Oostende etc).

Eigenlijk lag hier al een kans om een federale kieskring in te voeren, voor het hele land. Een van de argumenten, in het federale kieskringdebat soms wat terzijde gelaten, is dat het numerieke overwicht van de Vlamingen veel sterker speelt in een unieke kiesomschrijving. De verkiezingsuitslag van 1979 geeft al een indicatie in de richting van de voornaamste angst van de Franstalige partijen.

I. De Europese verkiezingen als Federale tussensprint
De eerste editie wordt namelijk met verpletterend overwicht gewonnen door de CVP, die in het Nederlandstalig kiescollege 48,09% van de stemmen haalt en direct 7 MEP's afvaardigt. Ex-premier Tindemans (door partijgenoot Martens gewipt als premier, vervolgens zelf op het schild gekropen als partijvoorzitter) atomiseert de anderen. Hij haalt 983.600 voorkeurstemmen. Met het Franstalig kiescollege erbij had hij gemakkelijk dik over het miljoen stemmen gezeten.

De Europese verkiezingen gaan verder dezelfde rol spelen: stoorzender tussen de kamerverkiezingen in. In 1979 is er immers nog geen sprake van (een rechtstreekse verkiezing van) de deelstaatparlementen. 1984 en 1989 komen tussen de verkiezingen van 1981, 1985, 1987 en 1991. In de verkiezingen van '84, die de regering Martens-Gol sanctioneren, doet de SP met Karel Van Miert het zeer goed. 28% en 496.063 stemmen voor de lijsttrekker (160.000 meer dan Tindemans), 4 MEP's en dus even groot als de CVP. Ene Karel De Gucht haalt 94.496 stemmen voor de PVV en raakt verkozen.

Vijf jaar later maakt de SP deel uit van de regering Martens, mét socialisten. Partijvoorzitter Van Miert staat niet meer op de lijst. Gevolg: 8% verlies en opnieuw 14% achter de CVP, waar de onverslijtbare Tindemans weer 433.172 stemmen haalt. 1989 is ook de verkiezing waarbij het Vlaams Blok direct 1 zetel haalt. Naast de SP verliest ook de VU (van 14 naar 8%). Paul Staes blijft voor agalev in het Europees parlement (12%, 7% in 1984).

In Wallonië gaat het anders: de PS gaat van 34 naar 38% (met opnieuw Happart als lijsttrekker, vergezeld door een zekere Anne-Marie Lizin) en haalt 5 zetels. De PRL van de Donnéa glijdt 5% naar beneden, het FDF zakt onder de 5%.

In 1994 worden de Europese verkiezingen gezien als een test voor Verhofdstadts nieuwe VLD, die de CVP naar de kroon moet steken. Ondanks een in de opiniepeilingen voorspelde 30%, is de landing hard: amper 2% vooruit, tot 18%. CVP-oudjes Martens (186.410) en Tindemans (208.000) houden het verlies beperkt tot 5% en 1 zetel, om de grootste te blijven. Het Blok verdubbelt van 6 naar 12%, agalev houdt merkwaardig genoeg de goede score vast (10,73%).

II. 1999 en daarna: het broertje van de Vlaamse verkiezingen
Bij het Sint-Michielsakkoord wordt de onzalige beslissing genomen om de gewest- en federale verkiezingen los te koppelen. Op zoek naar een eigen invulling voor de "Gewest- en Gemeenschapsraden" komen drie vernieuwingen t.o.v. het functioneren van de kamer:
- de raden worden legislatuurparlementen: de val van de regering kan de verkozenen niet naar de kiezer sturen
- de gewest- en gemeenschapsregeringen kunnen enkel sneuvelen bij een constructieve motie van wantrouwen: maatregel die gekopieerd is van het Duitse Grondgesetz uit 1949 (daar indertijd ingevoerd als tegengif voor de instabiele Weimarperiode)
- de verkiezing van de gewestraden en de raad van de Duitstalige gemeenschap (< campagne =""> het is duidelijk uit de voorgaande uitslagen, dat de verkiezingen tussen 1979 en 1994 min of meer "personality"-wedstrijden zijn; enige uitzondering is de uitslag van agalev, die consistent hoger ligt dan die in de kamer (7% <=> 10/11%); partijen zullen meer moeite doen om campagne te voeren <> 1994/1995: EP en Senaat apart) die het hele kiescollege bestrijken. Probleem: die grote kieskringen zijn eigenlijk geschapen om "het" boegbeeld van een grote partij naar voor te schuiven. Maar: er kunnen geen twee hanen in het zelfde hok zitten, de campagne zal worden opgehangen aan 1 boegbeeld per partij. Gevolg: de lijsttrekker voor Europa is de tweede keuze.

In 1999 trekt Vandenbroucke bij de SP (na een sabbatical in Oxford en Cambridge, niet te vergelijken met de situatie vandaag, 190.314, normaal zou hij nu wel meer moeten halen) Europa, terwijl Tobback de Senaat doet (zij het ook wel als noodoplossing, gezien de penibele situatie destijds, 265.088). Bij de CVP staat Dehaene op de Senaat (562.000) en Miet Smet op Europa (212.232). De VLD zet Verhofstadt (376.082) & Verwilghen (419.130) in de Senaat en Annemie Neyts in Europa (203.386). De SP landt in Europa net iets lager dan voor de Senaat (14% <=> 15%), agalev net iets hoger (bijna 12%<=>11%), VLD en CVP halen net hetzelfde resultaat.

In 2004 is het dan weer helemaal anders: de verkozenen van 1999 hebben in 2003 het veld geruimd in het Federale parlement, maar voor het Vlaams Parlement zijn ze aan hun herverkiezing toe. Het Vlaams Parlement wordt verkozen per provincie (< weg =""> de uitslagen lopen aan de hand van die van de andere verkiezingen; partijen kunnen in Europa niet op een anti-regeringsbonus rekenen, die er vroeger (1984) wel was (<=> Frankrijk: nog altijd het geval, cf. Europese verkiezingen 2004: PS haalt boven de 30% vanuit de oppositie)
4) Ander gevolg: wie de lijst trekt (Dehaene, Verhofstadt) heeft een minder grote impact dan voor het samenlopen van de verkiezingen (Tindemans, Van Miert: opmerkelijke fluctuaties)

vrijdag, april 17, 2009

France - OTAN

A l'heure où Sarkozy se spécialise en commentaires désobligeants à l'égard de ses collègues européens et d'Obama, retour sur le débat parlementaire sur sa décision de réintégrer l'Organisation du Traité atlantique. Ce faisant, il rompt avec la décision du Général de Gaulle de mars 1966, qui voulait marquer le caractère temporaire de l'alliance: la France choisirait toujours le côté des Américains en cas de conflit, compte tenu du contexte de la guerre froide. C'est pourquoi elle désirait rester dans le conseil de l'Alliance, conclue en 1949.

Cependant, elle ne voulait pas pour autant mettre sa force de frappe nucléaire, ni ses forces conventionnelles, sous autorité du SACEUR (Supreme Allied Commander Europe), toujours un militaire américain, depuis la guerre de la Corée (situation postérieure à la création de l'alliance). D'où le refus de la Force Multilatérale (proposée par Kennedy, d'après son "Grand Design" de partenariat altlantique en 1962) et des accords de Nassau, où le Royaume-Uni met plus ou moins ses bombes sous contrôle américain, en échange pour la technologie "Polaris". A l'heure du retrait de l'OTAN, l'opinion française était plus ou moins divisée. De Gaulle a tiré profit de son autorité pour "imposer" la décision et convaincre de petit à petit la nation du bien-fondé de cette option. Le président Sarkozy a choisi d'y revenir (le 12 mars dernier, discours devant l'Ecole militaire).

Notons qu'aussi bien François Mitterrand que Jacques Chirac avaient déjà entrepris des tentatives de réintégrer l'Organisation. C'est avant tout une question de nominations et de postes que peuvent briguer les militaires français (qui, du coup, sont obligés d'apprendre à parler l'anglais convenablement :-)). Laurent Fabius, ex-Premier ministre de Mitterrand, qui intervient ici à l'Assemblée nationale, essaye de rappeler ce consensus national sur la politique de défense. Quand Sarkozy annonçait la décision, il a été critiqué par les "gaullistes" au sein de l'UMP. L'ancien Premier ministre de Chirac Dominique de Villepin (persécuté dans l'affaire Clearstream, où il est accusé d'avoir orchestré une campagne judiciaire contre Sarkozy) a quasi immédiatement réagi dans Le Monde. Idem pour Hubert Védrine, ex-ministre des Affaires étrangères et ex-secrétaire général de l'Élysée sous Mitterrand. Malgré ces réactions plus ou moins uniforme de l'"establishment" français, le virage semble avoir été pris. Comme à l'époque de de Gaulle, l'opinion publique est partagée. Même si les opinions de de Gaulle sur le monde multipolaire (comme le souligne Fabius) semblent plus être en phase avec le monde post-guerre froide que celui des années '60.




A voir aussi: ce documentaire France 5 "l'Amérique contre de Gaulle, 1961-1969", sur la force de frappe française. Avec les témoignages de Pierre Messmer, Arthur Schlesinger et Henry Kissinger.


donderdag, april 16, 2009

L'abracadabrantesque popularité de Jacques Chirac (Le Monde)

Et paf, Sarkozy :-). (article du Monde d'aujourdhui)

Jacques Chirac rafle-t-il la première place au baromètre Ifop de la popularité (958 personnes interrogées par téléphone les 9 et 10 avril) parce qu'il a quasiment disparu de la scène publique ? Ou parce qu'il suscite la nostalgie quand on le compare à son successeur ?

Lorsque ses collaborateurs l'ont informé qu'il affichait désormais 74 % de bonnes opinions quand Nicolas Sarkozy n'en obtient plus que 41 % (- 6 points par rapport au mois précédent), l'ancien président était en vacances. Il se repose depuis samedi au Maroc, à La Gazelle d'or, ce beau palace entouré d'une orangeraie en culture biologique, tout près de Taroudant.


C'est peu de dire qu'il a été enchanté de cette popularité éclatante. Il n'en a cependant pas été surpris. C'est l'apanage des vieux présidents que de susciter la sympathie, y compris chez les électeurs qui n'ont pas regretté de les voir partir. "Il est un peu une figure de grand-père pour tout le monde, a résumé mercredi la ministre de la culture Christine Albanel qui fut la collaboratrice de M. Chirac. Les Français l'aimaient bien de toute façon, mais en plus, il est dans une position de retrait."



IMMOBILISME
L'ancien chef de l'Etat se refuse toujours à intervenir dans le débat public. Hormis la rédaction de ses mémoires - avec l'aide d'un jeune historien - dont seul le premier tome est bien avancé, et la participation à un documentaire de 52 minutes réalisé par le journaliste Christian Malar qui devrait être diffusé sur France 5, M. Chirac a décliné les demandes d'interview. Après un hiver difficile où il a paru fatigué, il a repris avec parcimonie quelques sorties. Il avait effectué un court voyage au Japon, en novembre. Une visite en Chine est prévue fin avril et un séjour en Afrique de l'ouest avant l'été.



Pour le reste, M. Chirac se plaît à recueillir les marques de sympathie. Il ne lui a pas échappé que ce qui exaspérait autrefois - son immobilisme, sa crainte d'engager les réformes - est désormais à son crédit, maintenant qu'on le compare à l'hyperactivité agressive de Nicolas Sarkozy. Il en goûte discrètement les manifestations lorsqu'il sort, le samedi en fin d'après-midi, avec Jean-Louis Debré pour deux heures de balade à pied dans Paris. "Chaque fois, c'est l'émeute, assure le président du Conseil constitutionnel. Il y a un mois, nous avons mis vingt-cinq minutes pour traverser le pont des Arts, parce que des colonies de Chinois le saluaient. Puis, devant un magasin de robes de mariées près du boulevard Saint-Michel, il a dû poser avec une future épousée. L'autre jour, en allant visiter le clos des Bernardins, nous avons dû faire une halte près de la rue de la Huchette pour boire une bière avec les clients d'un bistrot qui l'avaient reconnu."

Que disent ces passants à l'ancien président ? "Ils lui demandent des nouvelles de sa vie, de Bernadette et surtout, glisse M. Debré qui n'apprécie pas beaucoup Nicolas Sarkozy, soulignent presque toujours "on vous regrette", en soupirant "c'est bien différent aujourd'hui..."." Presque les mots employés par la chef de l'opposition socialiste, Martine Aubry, le 25 mars dernier.
Raphaëlle Bacqué

Rencontres: les titres

Mardi 12 mai 2009

10h30
: Mot d’accueil de M. Jos Aelvoet, directeur de la Fondation Biermans-Lapôtre

10h45-11h45 : Modérateur Prof. dr Robert Jacob

Prof. dr Laurent Waelkens (Katholieke Universiteit Leuven) :

Louvain et le droit des contrats au seizième siècle, un droit commun peu commun

M. Wim Decock (Marie Curie EST Fellow, Katholieke Universiteit Leuven/Roma III/EHESS Paris)

Crédits toxiques et obligations morales à l’âge d’or du capitalisme commercial

11h45-12h : Pause café

12h-13h : Modérateur Prof. dr Dirk Heirbaut

Prof. dr Jean-Marie Cauchies (de l’Académie royale de Belgique, Facultés universités Saint-Louis et Université catholique de Louvain) et M. Emmanuël Falzone (Fonds de la recherche scientifique-FNRS/Facultés universitaires Saint-Louis) :

« Si fut conseillé de la faire citer pardevant monseigneur de Cambray… »

1449. Concurrence et concordat en Hainaut : la justice en question ?

13h-14h30 : Pause déjeuner

14h30-15h30 : Modérateur Prof. dr Laurent Waelkens

Prof. dr Robert Jacob (CNRS/Université de Liège et Facultés universitaires Saint-Louis) :

Le serment du sacre, le corps naturel du roi et la caractère coutumier de la Common law

Mlle Charlotte Braillon (Fonds de la recherche scientifique-FNRS/Université de Liège) :

Edward Coke et Jacques Ier, acteurs du Calvin’s case (1608) : le juge gardien de la souveraineté ?

15h30 : Pause café

15h45-16h45 : Modérateur Prof. dr Jean-Marie Cauchies

Prof. dr Dirk Heirbaut (Université de Gand) :

L’importance de la pratique et des échecs pour l’étude de l’histoire du droit

M. Frederik Dhondt (Etudiant MR2 Relations Internationales, IEP de Paris) :

Le jeu du droit et du pouvoir.

Le système international et la naissance de l’équilibre européen, 1700-1714

17h : Fin des travaux et réception

Cité internationale universitaire de Paris

9a Boulevard Jourdan

75014 Paris

T3/RER B (Cité Universitaire)

maandag, april 13, 2009

Un peu de mémoire

Le chancelier allemand Ludwig Erhard, dont je confronte les opinions atlantiques et européennes avec celles du Général de Gaulle dans mon mémoire, est utilisé de ces jours par son parti (comme il était le cas dans les années '60) comme symbole du "miracle économique" allemand. Dans cette vidéo marrante, les Allemands ressortent des images d'un fumeur incorrigible, gros mangeur, symbole aussi bien physique qu'intellectuel du succès de l'économie de marché. Notons qu'Erhard cultivait son image sans relâche: on cachait qu'il devait perdre du poids. Le "Wahlkampflokomotiv" n'a d'ailleurs pas survécu aux tiraillements entre les ailes de la CDU/CSU. Il a été forcé de démissionner en novembre 1966, moment où le SPD de Willy Brandt arrive au pouvoir.

zaterdag, april 11, 2009

Kiezen voor Europa: belangrijk of niet?



1. Slappe commissievoorzitter, rechtse meerderheid

Parlement en Commissie, steeds minder te zeggen? Daar lijkt het wel op. Een briljante uiteenzetting van Jean-Louis Bourlanges (ex-MEP voor de UDF, prof in Sciences Po) op het transdisciplinair seminarie “Europa, actor van de internationale betrekkingen?” van een paar weken terug in het CERI drukte het publiek nog eens met de neus op de feiten (na te lezen in het tijdschrift Commentaire). Na Jacques Delors (1984-1994) zijn de commissievoorzitters slappe figuren geweest. Ex-eerste ministers van een lidstaat (Santer, Prodi, Barroso). Ze krijgen hun macht van hun gelijken. En zijn er als de dood voor hen voor het hoofd te stoten. Gevolg: de lidstaten bepalen de agenda. En ook het verdrag van Lissabon zal daar niets aan veranderen. Integendeel: in plaats van twee petjes (voorzitter van de Raad – voorzitter van de Commissie), komt er een vermenigvuldiging van de benoemingen (voorzitter van de Europese Raad – halfjaarlijkse voorzitter van de Raad van Ministers – voorzitter van de Commissie – Hoge vertegenwoordiger voor buitenlands beleid). Resultaat: allemaal figuren die afhankelijk zijn van de goodwill van de grote lidstaten. En hen geen stokken in de wielen steken.


De voorbije 5 jaar was de Europese Volkspartij de sterkste fractie in het Europees Parlement. Forza Italia, CDU, UMP, PP, CDA, CD&V en tot voor kort de Tories schoven “hun” Barroso naar voor. Ironie. Schoothondje van de Amerikanen (denk aan de Azorentop, waar Spanje, Portugal en Engeland de “coalition of the willing” gingen spelen om Bush ter wille te zijn) en niet meteen de meest actieve Commissievoorzitter. Hij vond bij zijn aantreden zelfs dat zijn instelling te veel werkt. “Europa moet zich niet bezig houden met de buigingsgraad van de komkommers”.





De trieste realiteit is dat de Commissie in plaats van motor (de rol die het verdrag haar toekent) terugvalt tot loutere uitvoerder van wat de staten beslissen. En vooral, wat ze niét beslissen, omdat er hen toch niemand achter de veren zit. Zeer nefast voor België. Zeer nefast ook, voor het sociaal beleid in de Unie. Heeft u de afgelopen vijf jaar Europese beschermende sociale maatregelen gezien, in tijden van economische voorspoed ?

Op het moment dat de Unie de grootste economische crisis sinds de jaren ’30 meemaakt, hebben de instellingen die haar moeten samenhouden, minder en minder te zeggen. Het Europees Parlement is anders dan een nationaal parlement. De Europese constructie loopt immers op twee benen: soevereiniteit die gedelegeerd wordt door de lidstaten (wat tot uitdrukking komt in de primaire wetgevende bevoegdheid van de Raad van Ministers en de aanduiding van de commissarissen door de lidstaten) en soevereiniteit die rechtstreeks uit de burgers komt (= rechtstreekse verkiezing van het parlement). Omdat er geen “Europese staat” bestaat, is de eerste pijler onvermijdelijk de sterkste. Zelfs binnen de “communautaire” bevoegdheden kan je de uiteindelijke beslissingsrol van de Raad van Ministers niet uitschakelen. Een echte “Europese” regering, die enkel vanuit het belang van de Europese burgers als geheel optreedt, kan je dus niet hebben. De parlementaire fracties, die deze burgers moeten vertegenwoordigen, onderhandelen en schipperen onderling en met de Commissie, zoals Huis en Senaat in Amerika dat doen met de president, maar moeten daarnaast ook rekening houden met de wensen van de staten.

2. Minder zetels, minder gewicht: zijn Europese verkiezingen in België eigenlijk wel relevant?

Toch wel. Door de toetreding van de 12 nieuwe lidstaten in 2004 en 2007, verliest België pluimen. We wegen nog 22 zetels (ipv 24). De grootste fractie (EVP) heeft nu 5 zetels in handen (3 CD&V + 1 cdH + 1 Duitstalige cdH’er). Uitdager PES 7 (4 PS + 3 sp.a). Door het feit dat sp.a de laatste zetel in handen had en er een Nederlandstalige zetel sneuvelt, staat sp.a de facto al op 2 zetels, voor de start van de campagne gegeven is. Op de derde plaats, die geen gewone strijdplaats is, maar een heel harde-strijdplaats, staat Anne van Lancker, een van de meest verdienstelijke Europese Parlementsleden tout court.

De liberalen, die in Europa een kleinere fractie vormen, hebben nu 6 zetels (3 MR, 3 openVLD), de groenen 2 (1 ecolo, 1 groen). N-VA zetelt apart in een regionalistische fractie (1 zetel), het VB in een extreem-nationalistische fractie (3 zetels). Bij een projectie van de huidige opiniepeilingen verliezen sp.a, openVLD en VB 1 zetel, wint LDD er twee en blijft de rest gewoon gelijk (3 CD&V, 1 N-VA, 1 groen!). Ecolo neemt een zetel van de MR af in Franstalig België. De PS verliest een zetel, omdat ook de Franstalige zetels achteruitgaan (= concessie aan de cdH: behoud van de Duitstalige MEP in ruil voor behoud van Socialistische gecoöpteerde Duitstalige gemeenschapssenator).

Dat lijkt allemaal niet erg indrukwekkend. Vandaar dat, gezien de forfaitaire bonus voor cdH (dat hoe dan ook de Duitstalige Europarlementariër heeft), er best zo veel mogelijk op de PES-partijen wordt gestemd. In tegenstelling tot de EVP, heeft de PES een duidelijk programma van hervormingen, dat is aangenomen door alle socialistische en sociaal-democratische partijvoorzitters. Martine Aubry, Zapatero, Müntefering… staan achter één gezamenlijke platformtekst, die in de eerste plaats de economische crisis en het sociale Europa wil aanpakken. Precies de grote leegte van de afgelopen vijf jaar.

Laat ons ook niet vergeten dat na de vorige Europese verkiezingen (die opvielen door een extreem zwakke opkomst in de nieuwe lidstaten) de negatieve Nederlandse en Franse referenda zijn gevolgd. Vooral in Frankrijk was het gebrek aan sociale beschikkingen in een heel dikke grondwet een struikelsteen. Nu de werkloosheid overal stijgt en duidelijk blijkt dat de Europese leiders helemaal niet voorbereid waren op wat er vandaag gebeurt, is de tekst van de PES de enige die een stevige koerswijziging belooft.

België weegt daarin inderdaad niet zo zwaar door als de grotere lidstaten, maar je mag ook niet vergeten dat die grote lidstaten nu ook weer niet zo talrijk zijn. In Engeland (waar Labour vorige keer historisch laag scoorde) en Duitsland (waar hetzelfde gold voor de SPD, die in een heel negatieve spiraal zat) kunnen er zetels gewonnen worden.

Frankrijk wordt een kwestie van consolideren (de PS scoorde er vorige keer zeer hoog, Martine Aubry zegt vandaag al tevreden te zijn met 20 zetels, achter de UMP – de Nieuwe antikapitalistische partij van Besancenot wordt op 12 zetels gepeild), Spanje is geen uitgemaakte zaak (vorige keer deed de PSOE het minder goed dan bij de nationale parlementsverkiezingen, wat marge voor groei zou moeten inhouden, maar 25% werklozen lijkt Zapatero geen goed te doen).

Merkwaardig genoeg kunnen in Oost-Europa in plaats van neoliberale, nu terug sociaal-democratische partijen winnen (dankzij de crisis). Het (daadwerkelijk) failliet van een aantal landen met een rechtse regering speelt daar zeker in mee. Polen is na Duitsland, Engeland, Frankrijk, Italië en Spanje de belangrijkste lidstaat van de EU. Wint links daar terug, dan is er direct een groot onevenwicht met de EVP weg. In Engeland zal de EVP overigens niets halen, nu de Tories besloten hebben naar een andere fractie te gaan.

België is in dat kader een kleine steen in de poel, maar wel een belangrijke. Vorige keer won de EVP afgetekend. Het zou nu wel eens anders kunnen zijn. Wie weet komt er wel een nipt resultaat. En dan zou het dom zijn te stemmen voor Verhofstadt (wiens fractie hoogstens de rol van arbiter in ethische dossiers zou kunnen vervullen, maar voor de rest natuurlijk economisch rechts stemt) of Dehaene (die staat voor het verderzetten van het huidige non-beleid). Stem nuttig, stem PES ?

vrijdag, april 10, 2009

Feest van de arbeid - kaas- & wijnavond



Waar?

Café “De Klub”

Kwaadstraat 9 te Zingem

Donderdag 30 april, Vanaf 19 u 30

Wat?

Aperitief vanaf 19 u

Kaasschotel (vervangende vleesschotel is voorzien)

Glas wijn (of frisdrank voor de kinderen) inbegrepen.

Prijs?

€ 12,00 volwassenen, € 7.00 kinderen.

Gelieve op voorhand te reserveren

René Knops, Nederzwalmsesteenweg 12 (09/384.84.05)
Mireille De Vos, Heulestraat 61 (09/384.96.92)
Frederik Dhondt, Oost Beertegemstraat 12
Café De Klub, Kwaadstraat 9 (09/384.27.47)
Carine Seynaeve, Ouwegemsesteenweg 17 (0473/96.63.02.)

www.s-p-a.be/zingem

Nieuws uit het Zingemse OCMW

Sinds kort ook op onze afdelingswebsite: een korte samenvatting van de maandelijkse raadsvergadering.


De Zingemse OCMW-raad besliste maandag om het concept voor het Sociaal Huis Zingem goed te keuren. Met de verhuis naar het nieuwe gemeentelijke administratief centrum, zullen gemeente en OCMW samen hun sociale diensten in 1 loket aanbieden. Mensen hebben zo één centraal punt om met hun vragen over alle diensten terecht te kunnen. De openingsuren van het nieuwe administratief centrum houden een verandering in: voortaan kan je ook op dinsdagavond, tot 19:00, terecht bij de gemeentelijke- en OCMW-diensten. In ruil verdwijnt wel de zaterdagopening (die in Oost-Vlaanderen enkel nog door twee andere gemeentes werd aangehouden).

Informatie moet er ook op internet zijn. Daarom besliste het OCMW Zingem om in de provinciale website voor Kinderopvang te stappen: op www.kinderopvangzov.be komt alle informatie over kinderopvang in Zingem. De openstaande plaatsen van de DVO Zingem-Nazareth zullen ter beschikking staan. Indien we zelf volzet zijn, worden ouders doorverwezen naar de andere initiatieven in de gemeente.

Het OCMW is ook lid geworden van de SEL regio Gent (samenwerkingsinitiatief voor eerstelijnsgezondheidszorg). Deze administratieve stap kan een aantal mogelijke lacunes opvangen in de zorgverstrekking. Er kwam ook een antwoord op de vraag om uitbreiding van de DVO (kinderopvang van 0 tot 3 jaar): onze vraag (behandeld op de raad van maart) is ontvankelijk verklaard.

Onze strijk- en naaiwinkel heeft een goede maand maart achter de rug. Om de dienst nog meer te promoten, wordt op zaterdag 6 juni 2009 een bijkomende opendeurdag gehouden. Tot slot boog de raad zich over het oplopende water- en elektriciteitsverbruik in het Lokaal Opvanginitiatief. Hoewel het niet eenvoudig is hier iets aan te veranderen (we vangen vijf alleenstaande mannen op, die meer verbruiken dan bijvoorbeeld een gezin) en alle kosten ruimschoots door de Federale overheid worden vergoed, vindt de raad dat dit geen positief signaal geeft. We hopen binnenkort maatregelen te kunnen nemen.

Zie ook deze pdf.

donderdag, april 09, 2009

Les députés UMP au bistrot



Histoire hilarante à l'Assemblée Nationale: le projet de loi créant de lourdes sanctions et de très graves intrusions dans la vie privée lors de téléchargements illégaux (obligation pour les fournisseurs de transmettre les données des pirates et de couper leur abonnement etc.)... a été rejeté par la deuxième chambre française.

Ironique, puisque cette chambre est dominée par l'UMP de Sarkozy (345 sièges). Apparemment, l'absentéisme des parlementaires français est encore plus prononcé que celui de leurs collègues belges. 21 contre 15, sur un parlement qui compte... 577. 15 députés socialistes seraient entrés dans l'hémicycle juste avant le vote, ce qui a défait la majorité, où en plus, deux dissidents ont voté avec l'opposition.

Joli petit coup de l'opposition socialiste, qui est devenue nettement plus active avec l'arrivée de Martine Aubry.

Un certain J-F. Copé (chef de groupe) va se prendre une belle colère du Président.

Quand Benoît XVI écrivait pour une revue facho (rue89)

(http://www.rue89.com/2009/04/08/quand-benoit-xvi-ecrivait-dans-une-revue-facho)

Un député autrichien a déterré un vieux texte de 1998 signé du cardinal Ratzinger dans une publication pangermaniste.

Le pape au Vatican le 11 février 2009 (Giampiero Sposito/Reuters).

Janvier 2009. Karl Öllinger, un député écologiste autrichien qui s'est spécialisé dans le combat contre l'extrême droite florissante dans son pays, tombe sur un hors-série de la revue Die Aula, paru à l'occasion du 150e anniversaire de la révolution allemande de 1848.

Au milieu des affabulations de négationnistes de députés d'extrême droite et de membres du parti néonazi allemand NDP, il tombe - éberlué - sur un texte signé du cardinal Ratzinger et intitulé « Freiheit und Wahrheit » (« Liberté et Vérité »).

En fait, une charge virulente contre les libertés individuelles et le système démocratique, qui aujourd'hui encore, peut être consultée à Vienne, au Centre de documentation et d'archives sur la résistance (DÖW), un organisme chargé de surveiller les mouvements extrémistes.

Embarras de l'Eglise

Dans un premier temps, le diocèse de Vienne a affirmé que le cardinal Ratzinger n'a jamais donné son feu vert pour une publication dans Die Aula : « Liberté et Vérité » était en fait un vieux texte datant de 1995, publié pour la première fois dans une revue chrétienne conservatrice.

Pas de bol, celui qui avait à l'époque négocié la publication avec le secrétaire du cardinal a gardé tous les échanges de leurs lettres : le cardinal a bel et bien, à l'époque, donné son accord par écrit pour une reproduction.

Aujourd'hui encore, les milieux extrémistes germaniques considèrent Benoît XVI comme l'un des leurs et se flattent que le souverain ait publié dans leur revue. Le hors-série est d'ailleurs en vente sur Internet !

Die Aula défend les négationnistes

Cette information éclaire d'un jour nouveau le tournant idéologique du Vatican depuis que Benoît XVI a été nommé pape. L'homme, bavarois de naissance, peut en effet difficilement expliquer aujourd'hui n'avoir pas su ce qu'était Die Aula en 1998, la revue étant publiée en langue allemande. Elle soutenait alors clairement l'ascension de Jörg Haider et sa triste notoriété dépassait les frontières de la petite Autriche.

Die Aula défend les négationnistes et ceux qu'elle nomme les « victimes de la liberté d'expression », à savoir les hommes politiques d'extrême droite qui sont condamnés pour offense à l'islam. Elle critique les lois qui répriment les propos révisionnistes, flirte très souvent avec l'antisémitisme et tente de réécrire l'histoire récente de l'Autriche. Lors de la nomination de Benoît XVI, elle avait bruyamment fait part de sa joie.

zondag, april 05, 2009

Texte Namur (6 mars 2009)



Pour les intéressés, un résumé de mon intervention aux Facultés universitaires Notre-Dame de la Paix à Namur, le 6 mars dernier, se trouve ici.

zaterdag, april 04, 2009

Balades nocturnes













































Louis Tobback lijsttrekker !

Geen discussie. Hij is helemaal terug. Tegen de "knoeiboel" van Leterme, het "boerenbedrog" van de CD&V, voor de redding van het "kot dat in brand staat", de werklozen die er "bij bosjes" bijkomen en de "arrangementen" van de politique politicienne. Veruit de meest vitale sp.a'er. Bemerk dat Tobback helemaal doet wat in het boekje van Chantal Mouffe staat: een partij moet polariseren en de passies van de mensen aanspreken, anders is ze niet meer relevant.



Altijd een plezier om Tobback op tv te zien, maar nu lijkt hij er echt wel terug zin in te hebben. Wat zou het geven om hem tegen Leterme te zetten ?

vrijdag, april 03, 2009

Le Petit Nicolas

Un peu oubliée, l'expo sur Sempé et Goscinny à l'Hôtel de Ville. Pas exempte d'intentions commerciales (du merchandising à l'envie, M6 sort un film sur le petit Nicolas prochainement...).









Photos de Paris

Ça faisait un petit temps que je n'avais posté de "tofs". Il fait beau. Et j'ai du boulot.


(Jardin du Palais-Royal)




(Arc du Carrousel)


(Pelouse de l'Ecole du Louvre)






(St-Gervais)


(toujours une manif quelque part)


(Parc Montsouris)


(Les Halles)








(derrière le Palais-Royal)






(Cité nationale de l'immigration)